Aankondiging

Sluiten
No announcement yet.

Cité Ouvrière, woonkazerne van 1864-1928

Sluiten
X
 
  • Filter
  • Tijd
  • Tonen
Clear All
nieuwe berichten

  • #16
    slopen

    Ik vind het betreurenswaardig dat zulke gebouwen in Nederland ten prooi valt aan de sloophamer. Het was waarlijk een imposant bouwwerk.

    Kijk naar Italie. Je kijkt werkelijk je ogen uit je hoofd. Het is een openluchtmuseum. Misschien dat het te maken heeft met luchvochtigheid of klimaat maar ik ben sterk voorstander om oude panden, gebouwen te redden van de sloophamer en niet te vervangen voor vaak nietszeggende nieuwbouw.

    Citaat Jan Kalf (eerste directeur Monumentenzorg): [behouden gaat voor vernieuwen...]
    Last edited by J.W. Ramakers en Zonen; 18 augustus 2013, 01:42.

    Opmerking


    • #17
      'Behouden gaat voor vernieuwen'

      Oorspronkelijk geplaatst door J.W. Ramakers en Zonen Bekijk bericht
      Citaat Jan Kalf (eerste directeur Monumentenzorg): 'Behouden gaat voor vernieuwen'.
      Jan Kalf / Kalff jr. (zoon van de negentiende-eeuwse literator en kunstcriticus) was inderdaad de eerste directeur van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, van 1918-1939. Dat 'eerste directeur' is echter betrekkelijk, omdat de dienst al veel langer bestond, maar pas in 1918 die naam kreeg.

      In de wandeling wordt toch het jaar 1875 aangegeven voor het ontstaan van de overheidsbemoeienis met het monumentaal erfgoed, c.q. 'de Monumentenzorg'. De eerste directeur/oprichter was toch echt onze eigen, Mestreechse referendaris bij het ministerie van Binnenlandse Zaken, mr.jhr. Victor de Stuers (1875-1901).

      Wat betreft de leuze 'Behouden gaat voor vernieuwen': Kalf en zijn medestanders in de door hem in 1899 opgerichte Nederlandsche Oudheidkundige Bond (nu: KNOB ) trokken met deze leus ten strijde tegen het in de restauratiewereld ongebreideld historiseren van Cuijpers en De Stuers. Dezen waren er voorstander van een gebouw zoveel mogelijk terug te brengen naar de staat waarin het er vroeger had kunnen uitzien, niet zoals het er had uitgezien. Soms wist men niet hoe het er had uitgezien. Maar zelfs indien dat wel het geval was, werden dingen toegevoegd. Men streefde een soort ideaalbeeld na. Kasteel De Haar is daar een Disney-achtig voorbeeld van. En in Maastricht is het Waterpoortje na de illegale sloop in 1890 bij de herbouw in 1897 ook behoorlijk 'opgeleukt'.

      Kalf was voorstander van het consolideren van een gebouw en slechts in zoverre ingrijpen als noodzakelijk was voor het behoud. Op die manier zouden originele bouwkenmerken behouden blijven.
      Last edited by Ingrid M.H.Evers; 18 augustus 2013, 11:29. Reden: correctie en aanvulling

      Opmerking


      • #18
        Cité Ouvrère is gelukkig niet gesloopt.

        Oorspronkelijk geplaatst door J.W. Ramakers en Zonen Bekijk bericht
        Ik vind het betreurenswaardig dat zulke gebouwen in Nederland ten prooi valt aan de sloophamer. Het was waarlijk een imposant bouwwerk.
        (...)
        Ik neem aan dat je veronderstelt dat het gebouw van het cité Ouvrère gesloopt is?
        Dat is gelukkig NIET het geval.
        Het gebouw is gelukkig bewaard gebleven!

        Momenteel zijn er moderne (studenten)appartementen in het gebouw gevestigd.
        Last edited by Pier; 19 mei 2019, 19:36.
        Een dag niet gelachen, is een dag niet geleefd

        Opmerking


        • #19
          Ik denk dat je een ander gebouw voor ogen hebt, Pier. De Cité is in 1938 echt gesloopt.
          Last edited by Pier; 19 mei 2019, 19:36.

          Opmerking


          • #20
            Bedoelt Pier wellicht het veemgebouw?

            Zie verder: http://forum.mestreechonline.nl/showthread.php?t=3370
            Last edited by Verwijderde gebruiker; 18 augustus 2013, 16:58. Reden: verwijzing ander draadje.

            Opmerking


            • #21
              Jan Kalf (1873-1954)

              Oorspronkelijk geplaatst door Ingrid M.H. Evers Bekijk bericht
              Jan Kalf / Kalff jr. (zoon van de negentiende-eeuwse literator en kunstcriticus) was inderdaad de eerste directeur van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, van 1918-1939. Dat 'eerste directeur' is echter betrekkelijk, omdat de dienst al veel langer bestond, maar pas in 1918 die naam kreeg.

              In de wandeling wordt toch het jaar 1875 aangegeven voor het ontstaan van de overheidsbemoeienis met het monumentaal erfgoed, c.q. 'de Monumentenzorg'. De eerste directeur/oprichter was toch echt onze eigen, Mestreechse referendaris bij het ministerie van Binnenlandse Zaken, mr.jhr. Victor de Stuers (1875-1901).

              Wat betreft de leuze 'Behouden gaat voor vernieuwen': Kalf en zijn medestanders in de door hem in 1899 opgerichte Nederlandsche Oudheidkundige Bond (nu: KNOB ) trokken met deze leus ten strijde tegen het in de restauratiewereld ongebreideld historiseren van Cuijpers en De Stuers. Dezen waren er voorstander van een gebouw zoveel mogelijk terug te brengen naar de staat waarin het er vroeger had kunnen uitzien, niet zoals het er had uitgezien. Soms wist men niet hoe het er had uitgezien. Maar zelfs indien dat wel het geval was, werden dingen toegevoegd. Men streefde een soort ideaalbeeld na. Kasteel De Haar is daar een Disney-achtig voorbeeld van. En in Maastricht is het Waterpoortje na de illegale sloop in 1890 bij de herbouw in 1897 ook behoorlijk 'opgeleukt'.

              Kalf was voorstander van het consolideren van een gebouw en slechts in zoverre ingrijpen als noodzakelijk was voor het behoud. Op die manier zouden originele bouwkenmerken behouden blijven.
              Dank je en mooi geschreven Ingrid, duidelijk en doelgericht...

              Ik ben het met de visie van Dr. Jan Kalf eens.

              Maar terugkomende op het onderwerp, het prachtige gebouw dat dus blijkbaar toch ten prooi gevallen is aan de sloophamer, het was een markant gebouw, welke volgens de tekeningen - hierboven - prachtig in het geheel paste. Ik begrijp niet hoe er toestemming komen kan om zoiets te slopen. Doodzonde! Vaak gaan er dingen verloren die nooit meer te maken zijn omdat simpelweg de vaklieden er niet meer zijn. Zoals in veel oude ambachten.

              Nogmaals haal ik Italie aan. Daar zijn antieke gebouwen bewaard gebleven. Complete dorpen van 600 jaar oud is geen uitzondering. Het exterieur is bewaard zoveel mogelijk origineel gebleven en de interieur heeft de antieke stijl nog maar van alle moderne gemakken voorzien. Geweldig toch?

              Opmerking


              • #22
                L'Ami du Limbourg [= De Limburgvriend]

                Oorspronkelijk geplaatst door Ingrid M.H. Evers Bekijk bericht
                Er was inderdaad een Luikse krant met deze naam, maar de Ami du Limbourg waar wij over spreken, werd in Maastricht uitgegeven van 1866-1877. Ik baseer mij daarbij op een onuitgegeven onderzoek van de hand van mijn oud-collega, de historicus drs. E.P.M. Ramakers, verbonden aan de Stadsbibliotheek Maastricht [SB]. Hij inventariseerde in de jaren 1980 de omvangrijke collectie negentiende- en twintigste-eeuwse dagbladen en periodieken in bezit van de toenmalige SB; tevens wat wel bekend was, maar niet daar aanwezig.
                De Stadsbibliotheek heeft de lijst online gezet. Wel een beetje vreemd, want het is duidelijk een werkdocument. Het betreft Ramakers' 'korte lijst', die weliswaar al een heleboel informatie geeft, maar die vooral voor de medewerkers van de bibliotheek is bedoeld (in welke kast vind ik wát?). Het handige overzicht per jaar van uitgave of per stad van uitgave etc. zul je hier niet vinden.
                Last edited by Ingrid M.H.Evers; 24 augustus 2013, 09:29.

                Opmerking


                • #23
                  Adres

                  Wat was dan het precieze adres van de Cité Ouvrière

                  Misschien Sint Anthoniusstraat 59?

                  Opmerking


                  • #24
                    Oorspronkelijk geplaatst door eSCee Bekijk bericht
                    Wat was dan het precieze adres van de Cité Ouvrière

                    Misschien Sint Anthoniusstraat 59?
                    Inderdaad Sint Antoniusstraat 59

                    Opmerking


                    • #25
                      Ok... dat is mooi, heeft mijn overgrootvader kort met zijn gezin gewoond.
                      Groot huis, die hij dan wel weer helaas moest delen met vele ;-)

                      Is de foto van Ingrid Evers (eerder in deze discussie) ook dat pand?

                      Mensen die daar woonden moesten dus bij de Sphinx werkzaam zijn of is dat een te voorbarige conclusie?

                      Opmerking


                      • #26
                        De Sphinx (1899-1956) en Cité Ouvrière (1863-1938 )

                        De foto in posting nr. 4 is inderdaad van de Cité Ouvrière en wel op het tijdstip van de afbraak.
                        Om te bepalen of iemand bij de Sphinx moest werken om in dit gebouw te kunnen wonen, ligt aan het tijdstip waarop (over)grootvader op dit adres gevestigd was.

                        Oorspronkelijk waren de woningen in het gebouw, elk met twee kamers en een berging in de kelder, inderdaad bedoeld voor (hoofd)arbeiders van de firma Petrus Regout. In 1870 trok Petrus Regout zich grotendeels terug uit de zaak en kreeg deze onder wisselende directies enkele keren een nieuwe naam:

                        * In 1870 werd het Petrus Regout en Zonen.

                        * Na het overlijden van Petrus I Regout werd het bedrijf omgevormd tot een commanditaire vennootschap, de C.V. Petrus Regout & Co. (1878 ). De naam 'Petrus Regout' in de fabrieksnaam na 1878 slaat niet op de oude oprichter Pie (Petrus I) Regout, maar op Pierre (Petrus II) Regout. De naam 'De Sphinx' dateert van enkele jaren na het overlijden in 1897 van deze beruchte oudste zoon van de oprichter.

                        * In 1899 werd het bedrijf namelijk omgevormd tot een naamloze vennootschap met de lange naam NV Kristal-, Glas- en Aardewerkfabrieken De Sphinx, voorheen bekend onder de naam C.V. Petrus Regout & Co., al snel in de volksmond afgekort tot simpelweg 'De Sphinx'. Het beeldmerk van de sfinx was al eerder, in 1883, geregistreerd.

                        * In 1958 ging het bedrijf samen met de Société Céramique en kreeg de nieuwe naam N.V. Sphinx-Céramique, voorheen Petrus Regout.

                        In 1903, vier jaar na de omvorming tot NV, werden de oorspronkelijke tweekamerwoningen door De Sphinx (intussen onder beheer van de derde generatie Regout) bijna allemaal omgezet naar eenkamerwoningen. Vanaf dat moment ontstond het 'mensenpakhuis' dat in 1917 gelaakt werd door mgr. Poels in zijn Noodkistrede.

                        In 1918 nam de gemeente Maastricht de Cité Ouvrière over van De Sphinx. Vanaf dat moment was de bewoning niet meer gebonden aan de fabriek en konden ook anderen er geplaatst worden, al zullen er ongetwijfeld nog Sphinx-arbeiders zijn blijven wonen. Het toezicht verslapte na 1918, wat naast de al eerder bestaande problemen van de huisvesting de oorzaak werd van veel misstanden. In 1920 ging de Gemeente tot geleidelijke ontruiming over; de bewoners gingen naar noodwoningen in het Bosscherveld. De Cité Ouvrière stond vanaf 1928 leeg en werd tot de afbraak in 1938 gebruikt als pakhuis.

                        NB. Deze tekst is met toestemming van de auteurs deels letterlijk overgenomen uit Ubachs/Evers, Historische Encyclopedie Maastricht, Zutphen 2005, alwaar verdere literatuurverwijzing.
                        Last edited by Pier; 19 mei 2019, 19:38.

                        Opmerking


                        • #27
                          De sluitsteen van de Cité Ouvrière

                          Waar deze sluitsteen terecht is gekomen weet ik niet. Ook weet ik niet de grote en of het een mooie steen was. Uit de literatuur heb ik het navolgende gevonden:

                          Ad van Itterson schreef in zijn boek "Vader, Raadgever en Beschermer" Petrus Regout en zijn arbeiders 1834-1870, uitgever Universitaire Pers, op pagina 159:
                          "Maar toen het idee voor het gebouw eenmaal geboren was, wilde Regout er toch iets bijzonders van maken. Hij is er altijd zeer trots op geweest. 45
                          ---------------------
                          "45 Daarvan mag reeds dit detail getuigen: op de sluitsteen [boven de ingang in het midden van de gevel, aan de straatzijde] van de Cité Ouvrière stond behalve het stichtingsjaar van het gebouw ook het familiewapen van de Regouts"

                          In de Stadsbibliotheek bevindt zich een boekwerk, eindwerkstuk PVO, 1981-1983 Vormingswerk en Volwasseneducatie, geschreven door Loek Buchholtz en Frank Wormer, juni 1983, getiteld:

                          De leefde veur us aait mestreech
                          verdreif den duuster veur 't leech

                          Op pagina 38 staat vermeld:
                          "De reputatie van de Bouw werd snel slechter: de tweede generatie Regout's liet de sluitsteen met familiewapen en stichtingsjaar snel verwijderen."

                          Last edited by Pier; 19 mei 2019, 19:39.

                          Opmerking


                          • #28
                            Petrus Regout was terecht trots op zijn in 1863-64 opgetrokken Cité Ouvrière. Dat de Grote Bouw in later jaren uitgewoond en onderkomen raakte, was niet zijn schuld. Hij stierf in 1878, toen hij al langere tijd geen directe rol meer speelde in zijn bedrijf.

                            De tweede generatie Regout heeft in deze affaire mijns inziens ook geen rol meer gespeeld. Pierre (Petrus Alexander) Regout overleed in 1897. Zijn twee broers-mede-eigenaren overleefden hem niet lang: Hubert Gerard Louis stierf in 1905, 72 jaar oud. Eugène Bernardus Hubertus stierf in 1908, 77 jaar oud. Een vierde broer, Hubert Eduard Thomas stierf al in 1878, naar ik meen aan een in de fabriek opgelopen aandoening; hij was 49 jaar oud. De laatste broer Gustave heeft, behalve in zijn zeer jonge jaren, zo ongeveer rond zijn 18e, nooit iets met de fabrieken te maken gehad. Hij was een stuk jonger (tal van dochters tussen de laatste broers) en stierf eerst in 1923, 83 jaar oud.

                            De derde generatie Regout deelde na het overlijden van Pierre Regout (1897) de lakens uit. Ik zou me kunnen voorstellen dat zij de sluitsteen-gevelsteen van de Cité Ouvrière heeft laten verwijderen toen deze in 1918 werd overgedragen aan de gemeente, maar zeker is dat niet. De gemeente deed vervolgens tien jaar lang niets aan de slechte woonomstandigheden in de Cité, die door gebrek aan toezicht tot steeds grotere misstanden leidden. In die tien jaar werden de huurders geleidelijk aan naar Bosscherveld verhuisd, toen daar noodwoningen werden opgetrokken. Maar er waren er ook velen die niet wilden vertrekken, hetzij omdat de huren erg laag waren, hetzij omdat zij niet uit de binnenstad wilden vertrekken.

                            Vanaf 1928 diende het pand nog eens tien jaar tot pakhuis, totdat het in 1938 werd gesloopt. Het zijn vooral de jaren tussen 1910 en 1928 geweest waarin de Groete Bouw zijn slechte naam verwierf en dat is evenzeer te danken geweest aan de derde generatie Regout als aan de Gemeente Maastricht. Dat na 1900 de economische stagnatie en de oorlogsomstandigheden van 1914-1918 daar ook een rol in hebben gespeeld, lijkt me evident.

                            Bronnen:
                            Ubachs/Evers, Historische Encyclopedie Maastricht, diverse trefwoorden
                            Website www.wiewaswie..nl
                            Last edited by Ingrid M.H.Evers; 18 juli 2015, 15:59. Reden: aanvullingen

                            Opmerking


                            • #29
                              Doen Van Itterson, Buchholtz en Wormer ook aan bronvermelding of hebben zij hun kennis louter van horen zeggen?
                              In ieder geval klopt de bewering niet dat de tweede generatie Regout's de sluitsteen met familiewapen en stichtingsjaar snel liet verwijderen. Dat zou dan voor de overdracht aan de gemeente in 1918 moeten zijn geweest, terwijl de foto (beneden) uit 1921 laat zien dat dit niet gebeurd is.

                              Laten we verder die groot uitgevallen sluitsteen, eigenlijk meer een soort bovenlichtvulling, boven de deur van de Cité nog eens nader bekijken. (krantenfoto komt uit de Telegraaf van 26-11-1921).



                              Duidelijk te zien is het jaar van ontstaan: 1863.
                              De onduidelijke afbeelding die er tussen staat zou dan het wapen van Regout moeten zijn?
                              Zijn dat pootjes van leeuwen daar links en rechts? Dan is het zeker niet het wapen van Regout (van 1851) zoals dat te zien is op kasteel Vaeshartelt, dat hij, tussen haakjes, daar onterecht heeft toegepast, want zijn wapen werd pas in 1867 officieel erkend door het Nederlands Heraldisch Genootschap.

                              Kiek ins nao bove !
                              http://www.maastrichtsegevelstenen.nl

                              Opmerking


                              • #30
                                Oorspronkelijk geplaatst door Jef-VMG Bekijk bericht
                                Doen Van Itterson, Buchholtz en Wormer ook aan bronvermelding of hebben zij hun kennis louter van horen zeggen?
                                De opmerking van Van Iterson staat, zoals al door Toller vermeld, op pag. 159 van zijn proefschrift en wel in noot 45. Die noot heeft Toller hierboven letterlijk geciteerd, maar heeft geen bronvermelding; dus is het verhaal niet te verifiëren. Bucholtz en Wormer heb ik niet in de kast staan; of zij een bron vermelden (en welke!) is vooralsnog een vraagteken.



                                Mooie vondst, Jef, die krantenfoto uit 1921. De gevelsteen zit dan nog boven de ingang. Op bovenstaande foto lijkt hij te zijn verdwenen, maar we zitten hier in 1938.
                                Last edited by Ingrid M.H.Evers; 11 november 2021, 20:28. Reden: Diakritische tekens hersteld

                                Opmerking

                                Bezig...
                                X