Aankondiging

Sluiten
No announcement yet.

Verdwenen kapel: Sint-Catharinakapel en -gasthuis

Sluiten
X
 
  • Filter
  • Tijd
  • Tonen
Clear All
nieuwe berichten

  • Ingrid M.H.Evers
    replied
    Oorspronkelijk geplaatst door El Loco Bekijk bericht
    Ik heb deze tekening toch anders geïnterpreteerd...
    Ik geef het op. Geen gissingen meer voor mij. Eerst naar het archief: Raadsverdragen, St.-Matthijs, Municipaliteit, de kaartenbak met prentenfiches (dus niet de fotokaarten!) en wat verder nog kan bijdragen.

    Wel hebben we inmiddels andere vragen dan tien jaar geleden, omdat we definitief konden vaststellen, dat er niet één, maar twee kapellen zijn geweest. Tevens zijn de locaties van beide kapellen nu bekend.
    Blijft over:
    1. is de oude Catharinakapel inderdaad de op het panorama van Jan de Beijer (posting # 164) afgebeelde 'traptoren' met kerkschip 'tegen' de Sint-Matthijskerk, of toch niet?
    2. wanneer is de tweede kapel/kerk precies gebouwd, c.q. de parochie overgegaan?
    Herinner me er alsjeblieft aan als we weer hele dagen op de Pieterstraat terecht kunnen...
    Last edited by Ingrid M.H.Evers; 5 februari 2021, 07:59. Reden: aanvulling fotokaarten

    Leave a comment:


  • El Loco
    replied
    Oorspronkelijk geplaatst door Ingrid M.H.Evers Bekijk bericht


    Hartelijk dank voor de aanduiding op de tekening. Exact juist!
    Ik heb deze tekening toch anders geïnterpreteerd. Links herken ik de Sint-Matthijs, met kenmerkend traptorentje op de zuidwestelijke hoek (ook te herkennen op de tekening van de Markt & Boschstraat van Jan de Beijer). Het kerktorentje rechts (met hoge torenspits) kan volgens mij niets anders zijn dan de Sint-Catharinakerk. De Beyart is het beslist niet, want die staat afgebeeld rechts op de oorspronkelijke prent (we zien hierboven slechts een uitsnede van een wijds stadsgezicht). Ik dacht nog even aan de Sint-Maartenskerk in Wyck, maar dat klopt niet qua kijkhoek en qua verhoudingen. Hier de hele tekening:

    Click image for larger version  Name:	640px-PanoramaMaastricht1740JanDeBeijer.jpg Views:	0 Size:	74,3 KB ID:	102598
    Bron: Wikimedia Commons

    De tekening staat bij Koreman (Geteeckent tot Maestricht, 1981) afgebeeld op pp. 90-91 en bij Jenniskens (Nieuwen Biesen in Alden Biesen, 1989) op p. 76. Jenniskens schrijft de pentekening toe aan Jan de Beijer en komt daarmee uit op een datering omstreeks 1740. Koreman is voorzichtiger, dateert de tekening in de 2e helft van de 18e eeuw en geeft geen maker. Op de achterkant staat blijkbaar de volgende informatie: "Gezicht op Maastricht 1870. Ste. Catherine, St. Matthijs, St. Anthonis..." Dat zal er later op zijn geschreven want die datering klopt sowieso niet. Vrijwel alle afgebeelde kerken en kloosters lagen in 1870 in puin of waren op zijn minst zwaar gehavend, om maar niet te spreken van de stadsmuren...
    Last edited by El Loco; 28 januari 2021, 14:34. Reden: bron (+ link naar grotere afbeelding)

    Leave a comment:


  • Ingrid M.H.Evers
    replied
    Oorspronkelijk geplaatst door Antonius Bekijk bericht
    Ik bedoelde die paar dagen vanaf het moment dat de draad weer opgepakt werd van dit veel ouder topic.
    Ik las er meer in dan je bedoelde, Antonius. Dat kwam ongetwijfeld omdat ik de laatste dagen zoveel en bijna uitsluitend 'Catharina' heb geslikt, dat ik het een beetje beu ben.
    Last edited by Ingrid M.H.Evers; 28 januari 2021, 13:37.

    Leave a comment:


  • Antonius
    replied
    Oorspronkelijk geplaatst door Ingrid M.H.Evers Bekijk bericht
    Catharinakapel/-kerk en historisch onderzoek
    Dank voor het impliciete compliment, Antonius, dat overigens alle speurders op dit draadje aangaat, met name Theo Bakker en El Loco. Maar 'enkele dagen speurwerk' is wel een grove onderschatting van de geleverde inspanning(en). Historisch onderzoek vergt enorm veel tijd, hetgeen over het algemeen niet duidelijk wordt uit de tekst(en) op dit podium en elders.
    Beste Ingrid M.H. Evers,
    Het was niet negatief bedoeld, hoor. Dat er wel degelijk veel werk in gaat zitten besef ik me terdege.
    Ik bedoelde die paar dagen vanaf het moment dat de draad weer opgepakt werd van dit veel ouder topic.

    Leave a comment:


  • Ingrid M.H.Evers
    replied


    Oorspronkelijk geplaatst door tomakkermans Bekijk bericht
    nog met extra aanduiding hier van de oude kapel (ca. 1300 - ca.1745)
    Hartelijk dank voor de aanduiding op de tekening. Exact juist!

    Oorspronkelijk geplaatst door tomakkermans Bekijk bericht
    Hier een zicht vanuit de andere kant (kijkend van oost naar west), daterend van 1582. Nummer5 is Matthijs, nr.24 St.Catharina. Maar dat zal dan wel nóg een oudere zijn aangezien de "oude kapel" van 1633 dateert, lees ik hier.
    Als 'hier' slaat op mijn posting # 156, dan staat daar, dat de kapel in 1633 in gebruik werd genomen als parochiekerk. Ze was echter veel ouder en werd voor het eerst genoemd in 1309, zoals ook in het Wikipedia-artikel vermeld is. (Ik heb de tekst hierboven intussen aangepast).

    Oorspronkelijk geplaatst door tomakkermans Bekijk bericht
    Maar nu denk ik aan iets: dit zijaanzicht was toch ook van Jan de Beijer anno 1740? op wat slaat zijn aanduiding "St.Catharina" dan?
    Dat slaat op de nieuwe kapel/kerk. De prent berust bij het Museum Boymans-Van Beuningen in Rotterdam. De datering is circa 1740 (Koreman, Geteeckent tot Maestricht), omdat men dat heeft gerelateerd aan andere Maastrichtse prenten van Jan de Beijer, die een exacte vermelding '1840' hebben. Boymans van Beuningen geeft hem echter exact 1840: https://www.boijmans.nl/collectie/ku...vincie-limburg. Ik wil dat graag aannemen, maar dat dan ook wel kunnen verifiëren. Dat kan momenteel niet.

    'Circa 1840' (bij Koreman, (beeld)archivaris bij de vroegere Gemeentelijke Archiefdienst Maastricht/GAM) wil niet zeggen dat deze specifieke afbeelding per se van 1740 dateert; dat kan ook bv. 1750 zijn. En om het nog lastiger te maken: hij signeerde zijn tekeningen soms met de (Latijnse) opmerking: 'gemaakt in levende lijve'. Ergo: hij had ter plekke getekend. Dan houdt echter in, dat hij misschien ook op basis van eerdere schetsen op een later tijdstip de uiteindelijke tekening maakte. Kortom: het is allemaal niet zo simpel.

    Maar terugkerend naar de Catharinakapel/-kerk: we weten nog steeds niet exact wanneer de tweede kapel werd gebouwd, c.q. in gebruik genomen. Hij stáát er in 1748 (plattegrond Larcher d'Aubancourt), en misschien stond hij er ook al wel - net af ? - in 1740. De oude kapel is dan echter nog in gebruik (ruzie pastoor Fineau versus koster over sleutels toren). Ergens in de jaren 1740 is dus de overgang geweest van het een naar het ander.
    Last edited by Ingrid M.H.Evers; 29 januari 2021, 10:50.

    Leave a comment:


  • tomakkermans
    replied
    Maar nu denk ik aan iets: dit zij-aanzicht was toch ook van Jan de Beijer anno 1740? op wat slaat zijn aanduiding "St.Catharina" dan?
    Click image for larger version  Name:	Jan-de-Beijer_ca1740_v2.jpeg Views:	0 Size:	167,6 KB ID:	102592

    Leave a comment:


  • tomakkermans
    replied
    Hier een zicht vanuit de andere kant (kijkend van oost naar west), daterend van 1582. Nummer5 is Matthijs, nr.24 St.Catharina. Maar dat zal dan wel nóg een oudere zijn aangezien de "oude kapel" van 1633 dateert, lees ik hier.




    Bron: https://genwiki.nl/limburg/index.php...egrond1582.jpg
    Bestanden bijvoegen

    Leave a comment:


  • tomakkermans
    replied
    nog met extra aanduiding hier van de oude kapel (1633-ca.1745)
    Bestanden bijvoegen

    Leave a comment:


  • tomakkermans
    replied
    Oorspronkelijk geplaatst door Ingrid M.H.Evers Bekijk bericht
    Wat mij betreft kunnen we nu wel wat conclusies trekken voor dit draadje:



    1. het Sint-Catharinagasthuis met Catharinakapel lag op de zuidelijke hoek van de Kerkgang (nu Catharinastraat) en Boschstraat; zij diende van 1633 tot ca. 1745 tot parochiekerk voor de Sint-Mathijsparochie, die gaandeweg ook wel Catharinaparochie werd genoemd. De vrijstaande toren was rechtsachter gebouwd (noordwestelijk), Op het plaatje zie je de situatie van de achterkant. De toren is met het dak van het gasthuis daar rechts naast goed te zien: ze lijken tegen de toren van de Sint Mathijs (met oude dakbedekking) aangebouwd. De kapel rechts is mogelijk de middeleeuwse Beyart (Koreman, Geteeckent tot Maestricht).
    Omstreeks 1745 is alles afgebroken, want niet meer ingetekend op stadsplattegrond van Larcher d'Aubancourt (1748-1749), noch te zien op de Franse Maquette (1752).

    2. de Sint-Catharinakerk lag op de grens van Boschstraat en Markt en werd gebouwd omstreeks 1745-1748 (wél op plattegrond en maquette). De toren was linksachter geplaatst (zuidwestelijk). De kerk werd vanaf 1797 niet meer als godshuis gebruikt en was in 1806 in bouwvallige staat. Ze is in fases verbouwd en aangepast, en omstreeks 1860 (?) definitief afgebroken ten gunste van het herenhuis Markt 28.

    3. De historiserende exterieur- en interieur-tekening(en) van Van Gulpen betreffen waarschijnlijk de 2e kapel/kerk. Hij heeft echter slechts ruim ná de Franse Tijd een verbouwd casco van het gebouw gezien en er niet veel meer van kunnen maken. Dit interieur (en de niet originele topgevel) kunnen we verder wel vergeten.
    Ah, super, dat plaatje, bedankt!!
    Trouwens: het wikipedia artikel is nu echt pico bello, dank hiervoor!
    Last edited by tomakkermans; 28 januari 2021, 08:59.

    Leave a comment:


  • Ingrid M.H.Evers
    replied
    Conclusies

    Wat mij betreft kunnen we nu wel wat conclusies trekken voor dit draadje.
    De belangrijkste is, dat er niet één, maar twee Catharinakapellen/-kerken zijn geweest.



    1. het Sint-Catharinagasthuis met Catharinakapel lag op de zuidelijke hoek van de Kerkgang (nu Catharinastraat) en Boschstraat; zij dateerde van circa 1300 en diende van 1633 tot ca. 1745 tot parochiekerk voor de Sint-Mathijsparochie. Deze werd gaandeweg ook wel Catharinaparochie genoemd.
    De vrijstaande toren was rechtsachter gebouwd (noordwestelijk), Op het plaatje zie je de situatie van de achterkant. De toren is met het dak van het gasthuis daar rechts naast goed te zien: ze lijken tegen de toren van de Sint Mathijs (met oude dakbedekking) aangebouwd. De kapel rechts is mogelijk de middeleeuwse Beyart (Koreman, Geteeckent tot Maestricht).
    Omstreeks 1745 is alles afgebroken, want niet meer ingetekend op stadsplattegrond van Larcher d'Aubancourt (1748-1749), noch te zien op de Franse Maquette (1752).

    2. de Sint-Catharinakerk lag op de grens van Boschstraat en Markt en werd gebouwd omstreeks 1740/1745-1748 (namelijk wél op de plattegrond en maquette). De toren was linksachter geplaatst (zuidwestelijk). De kerk werd vanaf 1797 niet meer als godshuis gebruikt en was in 1806 in bouwvallige staat. Ze is in fases verbouwd en aangepast, en omstreeks 1860 (?) definitief afgebroken ten gunste van het herenhuis Markt 28.

    3. Enkele van de historiserende exterieur- en interieur-tekening(en) van Van Gulpen zijn '1800' gedateerd en betreffen dus de 2e kapel/kerk. Hij heeft echter slechts ruim ná de Franse Tijd een tot schuur verbouwd casco (Jules Schaepkens van Riempst, 1907) van het gebouw gezien en er niet veel meer van kunnen maken. Dit interieur (en de niet originele topgevel) kunnen we verder wel vergeten.
    Last edited by Ingrid M.H.Evers; 28 januari 2021, 12:56. Reden: aanpassing tekst (1740/1745-1748)

    Leave a comment:


  • Peter Scheele
    replied
    Zoals mijn correspondent terecht schreef: Het is soms/vaak keihard ploeteren met veel tegenslagen.
    Verstandige vent, die correspondent

    Maar om het even taoïstisch te zeggen: zonder diepe dalen geen hoge bergen...

    Leave a comment:


  • Ingrid M.H.Evers
    replied
    Oorspronkelijk geplaatst door Antonius Bekijk bericht
    Toch spannend hoe je na eeuwen en enkele dagen speurwerk uitkomt op een soort virtuele Catharinakerk.
    Catharinakapel/-kerk en historisch onderzoek
    Dank voor het impliciete compliment, Antonius, dat overigens alle speurders op dit draadje aangaat, met name Theo Bakker en El Loco. Maar 'enkele dagen speurwerk' is wel een grove onderschatting van de geleverde inspanning(en). Historisch onderzoek vergt enorm veel tijd, hetgeen over het algemeen niet duidelijk wordt uit de tekst(en) op dit podium en elders. Het is geen bêta-wetenschap met harde, opnieuw uit te voeren fysieke proeven. Het is een alfawetenschap, juist omdat het zoveel kennis in de breedte vraagt. Lezen, lezen, lezen. En dan nog! Zoals een van de amateurhistorici waarmee ik correspondeer het recent zo treffend formuleerde:

    "Het is ongelooflijk hoeveel materiaal er ligt te wachten op ontdekking. Mijn ervaring daarin is niet zo groot, maar het valt me iedere keer op hoeveel er tevoorschijn komt als je aan een los eindje begint te trekken. Alsof het er op ligt te wachten om ontdekt te worden en het meteen nog wat extra dingen prijsgeeft als een toegift voor de inspanning. Al is het soms/vaak ook keihard ploeteren met veel tegenslagen."

    Hij heeft gelijk, en vooral die laatste zin spreekt mij aan. Als je geen genoegen neemt met (soms) gewoon overgeschreven, niet met bronnen verantwoorde teksten uit het eind van de negentiende of twintigste eeuw, kortom: wanneer je zelf archiefonderzoek doet, of wanneer je vanuit de 21e eeuw een vraag stelt die volkomen nieuw is, blijkt hoe moeizaam het speurwerk soms is. Dagen, weken, soms zelfs maanden van thuis komen van archief of bibliotheek en constateren: 'Ik heb vandaag niets gedaan'. Dat was tenminste vaak mijn reactie. Het duurde lang voordat ik mij realiseerde, dat ik heel véél had gezien (nooit weg), maar dat het die dag ten aanzien van mijn vraagstelling gewoon niets had opgeleverd. Vandaar dat: 'ik heb vandaag niets gedaan'. Frustrerend. Zoals mijn correspondent terecht schreef: Het is soms/vaak keihard ploeteren met veel tegenslagen."
    Last edited by Ingrid M.H.Evers; 27 januari 2021, 17:34. Reden: redactie

    Leave a comment:


  • Antonius
    replied
    Toch spannend hoe je na eeuwen en enkele dagen speurwerk uitkomt op een soort virtuele Catharinakerk.
    Deels verrot, weg en omwille het resterende materiaal afgebroken. Palimpsest versus geschiedschrijving. Mooi

    Leave a comment:


  • El Loco
    replied
    Kom ik vandaag toch nog een nieuwe bron tegen met behoorlijk wat informatie over (de nadagen van) de Sint-Catharinakerk. Het betreft een artikel van W. Munier uit 1989, getiteld: 'Een voorbeeld van maatregelen tegen onbeëdigde priesters in de Franse Tijd: de lotgevallen van Jan Jacob Cyrus, pastoor van de St. Catharina/St. Matthijskerk te Maastricht'. Het artikel is verschenen in: Nederlands Archief Voor Kerkgeschiedenis / Dutch Review of Church History. Tja, wie leest dat nou, zou je zeggen, maar gelukkig staat het online op JSTOR (https://www.jstor.org/stable/24009195). Je hebt wel een (gratis) account nodig om het te kunnen lezen.

    Het artikel bevestigt de conclusie van Ingrid Evers hierboven, hoewel een aantal dingen ietsje anders zijn gegaan. Na de sluiting van de kerk in 1797 is deze nooit meer als godshuis in gebruik geweest. Toen de Sint-Catharina/Sint-Matthijsparochie in 1803 werd hersteld is deze al vrij snel gebruik gaan maken van de eigen Sint-Matthiaskerk, hoewel daar nog jarenlang aan verbouwd is. Munier vermoedt dat de parochie misschien enkele maanden gebruik heeft gemaakt van de Dominicanenkerk, samen met de Sint-Jacobs/Sint-Servaasparochie (pag. 130).

    Bij een inspectie in 1806 bleek de voormalige Catharinakerk een complete bouwval: muren die op instorten stonden, lekkages door ontbrekende regenpijpen en kapotte vensters, en het plaveisel was geheel verdwenen. Het meubilair was al in 1799 verkocht. Volgens Munier was het gebouw rijp voor de sloop.

    Philippe van Gulpen was 5 jaar oud toen de Catharinakerk sloot. Hij heeft het kerkinterieur zeker niet uit eigen herinnering kunnen reconstrueren.

    Leave a comment:


  • Ingrid M.H.Evers
    replied
    Catharinakerk: de tekeningen van Philippe van Gulpen

    We zitten een beetje met die interieurtekeningen van Van Gulpen, want die geven slechts een hoofdaltaar weer en welke kapel beeldt hij eigenlijk - historiserend - af?

    Gezien de ramen aan de linkerkant moet het de Sint-Catharinakerk zijn geweest, waarbij de vensters dan uitkomen op de Sint Catharinagang. De rechterkant van het gebouw grenst dan aan de blinde muur van een bestaand pand aan de Markt of Boschstraat. (De Catharinakerk blijkt volgens het Register van Huisnummers precies op de grens van die twee straten te hebben gestaan). De luchtroosters boven het altaar komen dan uit op een achterliggend erf(je). Het torentje op de prent zit links, en ook dat komt overeen met de Catharinakerk; dwz het zou niet kunnen kloppen met de middeleeuwse Catharinakapel, waar de toren noordelijk (dus rechts) en achter het pand schijnt te hebben gestaan.

    Maar daar houdt het dan toch de herkenbaarheid wel op. Van Gulpen tekent (ca. 1840) een interieur met alleen een middenschip, waar uit de plattegrond van Larcher d'Aubancourt (1748-1749) blijkt dat er minimaal één zijschip was, aan de rechterkant. Hij tekent de voorgevel met een scherpe driehoek aan de top, terwijl de maquette een sierlijker topgevel weergeeft. De blinde muur rechts roept vragen op wanneer men hem vergelijkt met de muur-met-ramen op de maquette. Kennelijk is daar in de negentiende eeuw belangrijks bebouwing en zijn de ramen geblindeerd (zij het niet herkenbaar op de interieurtekening).

    Die hoekige topgevel komt echter wel terug op een tekening van de westelijke gevelwand van de Markt/Boschstraat, die Theo Bakker in posting # 126 van een ingekleurde tekening van Jan de Beijer heeft uitvergroot. Dat doet vermoeden dat Philippe van Gulpen (1792-1862) zijn tekening heeft gemaakt op basis van de situatie van het casco van de kerk, en inderdaad omstreeks 1840. Van Gulpen heeft de kerk nooit in bedrijf gezien.

    De Catharinakerk werd in 1796/1797 genaast door het Frans bestuur, omdat pastoor Cyrus weigerde de eed tegen het (Franse) koningschap af te leggen. (Maastricht was inmiddels een Franse stad). Van Gulpen was toen zes of zeven jaar en de parochie zat sindsdien tot 1804 zonder bedehuis. Mogelijk heeft hij de kerk gezien in de periode 1804-1805, toen de parochie tijdelijk terug was in de Catharinakerk, omdat de Sint-Mathijskerk, die was teruggegeven aan de parochie, inwendig nog moest worden hersteld; maar ook dan is hij slechts 13-14 jaar. Gezien zijn verdere levensloop kan hij in 1815 - hij is dan 23 - het inmiddels verkochte pand hebben gezien, maar hij vestigde zich pas in Maastricht vanaf 1822. Wanneer hij precies begon aan een leven van rentenieren en tekenen, zou ik eens moeten nazien bij Lou Spronck (boek over Van Gulpen in serie Vierkant Maastricht), maar ik ben er inmiddels van overtuigd, dat hij dit interieur min of meer op de bonnefooi heeft getekend, op een tijdstip toen het gebouw inwendig al een forse reconstructie had ondergaan. Daarbij was de zuilenrij van het zijschip al weggebroken en een nieuw, beide 'schepen' overkoepelend plafond aangebracht. Uit het gegeven dat Van Gulpen op de ene tekening een gotisch gewelf tekende, en op een andere een veel rondere, minder gotische zoldering, mag mijns inziens worden afgeleid, dat hij het ook niet precies wist.

    Dan hebben we nog dat gehannes met het aantal altaren. Toen de Mathijsparochie in 1633 de middeleeuwse Catharinakapel betrok, verhuisden tevens drie broederschappen - met hun altaren - mee. Die kapel was (te) klein, maar die altaren kunnen de vorm gehad hebben van 'pilaaraltaren', zoals dat in Sint-Nicolaaskerk gebruikelijk was; twee van die ornamentale altaartjes hangen nu nog op pilaren in de Onze Lieve Vrouwe basiliek.
    Aangezien het bij de interieurtekeningen van Van Gulpen gaat om de Catharinakerk, blijft de vraag: was er alleen een hoofdaltaar? Nou nee, wie op Delpher het tijdschrift De Maasgouw selecteert, komt met het trefwoord 'Catharin*' verschillende notities tegen van begrafenissen in de Sint-Catharinakerk. Er is naast het hoofdaltaar sprake van een Onze Lieve Vrouwe-altaar (in de zijbeuk?) en begrafenissen zowel voor het hoofdaltaar als het Onze Lieve Vrouwe-altaar. Dan zouden er grafstenen zichtbaar moeten zijn in het plaveisel van de kerk, en die ontbreken bij Van Gulpen.

    Tenslotte hebben we nog twee zuilen/kolommen die wel of niet oorspronkelijk in de kerk aanwezig zijn geweest. Zijn het originele bouwattributen die werden hergebruikt, maar kwamen ze ergens anders vandaan? Joost mag het weten. In 1803 werd de Sint-Jacobskapel afgebroken, in 1804 de kapel van de Heilige Geest aan de Grote Staat gesloten, in 1805 de Koningskapel afgebroken, in 1810 de Sint Maternuskapel en in 1821 de kapel en het Sint-Servaasgasthuis (zie: Flament, Chroniek). Allemaal gebeurtenissen die veel te laat waren om nog van betekenis te zijn voor de Catharinakerk. Deze werd immers in 1804 teruggegeven aan de parochie.

    Conclusie: de tekeningen van Philippe van Gulpen zijn bij alle soms overduidelijke naïviteit over het algemeen redelijk betrouwbaar, maar met betrekking tot de Sint Catharinakerk moet men concluderen, dat hij heeft gehistoriseerd op basis van een reeds (enkele malen?) verbouwd casco. De interieurtekeningen doen geen recht aan de oorspronkelijke situatie.
    Last edited by Ingrid M.H.Evers; 26 januari 2021, 15:40.

    Leave a comment:

Bezig...
X