Aankondiging

Sluiten
No announcement yet.

Aussendienststelle Maastricht van de RSHA

Sluiten
X
  • Filter
  • Tijd
  • Tonen
Clear All
nieuwe berichten

  • Pier
    started a topic Aussendienststelle Maastricht van de RSHA

    Aussendienststelle Maastricht van de RSHA

    Sicherheitspolizei (SiPo) en de Sicherheitsdienst (S.D.) in Maastricht

    Het Reichssicherheitshauptamt (R.S.H.A) werd in 1939 opgericht na de samenvoeging van de Sicherheitspolizei (SiPo) en de Sicherheitsdienst (S.D.).
    Het personeel van de R.S.H.A droeg een grijs S.S.-uniform met S.D.-ruit.
    Omdat "het volk"door het dragen van dezelfde uniformen geen verschil meer zag tussen SiPo en S.D. werd er in de volksmond uitsluitend gesproken over de S.D. en was de term SiPo nauwelijks gangbaar.

    Tot september 1940 maakte Maastricht deel uit van het Einsatzkommando IV van de SiPo. Onder Einsatzkommando IV viel toen niet alleen Maastricht, maar ook Den Bosch.
    In september 1940 vond er een reorganisatie plaats van de in Nederland gestationeerde Duitse politie en kreeg Maastricht een afzonderlijke Aussendienststelle.
    Aanvankelijk stond S.S.-Hauptsturmführer Gerth aan het hoofd van de Maastrichtse afdeling, maar kort nadat Maastricht een eigen Aussendienststelle werd, keerde Gerth terug naar Duitsland en werd Untersturmführer H. Schönhals het hoofd van de Maastrichtse Aussendienststelle.
    Schönhals was, in tegenstelling tot Gerth, van origine geen politiefunctionaris, maar een ras S.D.-er.

    De Aussendienststelle Maastricht had de taak "Politische Gegnerbekämpfung"hetgeen inhield;
    - Het opsporen van politieke tegenstanders, spionage en verzet;
    - Het verschaffen van inlichtingen en opsporen van aangelegenheden zoals arbeidsinzet en het luisteren naar verboden radio-uitzendingen;
    - Kennis nemen van ontwikkelingen rond kerkelijke aangelegenheden;
    - Het registeren en later opsporen van Joden;
    - Tegengaan van contraspionage en hulp aan de vijand.

    In 1942 vonden er in de Aussendienststelle Maastricht enkele personele mutaties plaats.
    Schönhals en de Oostenrijker Schwarzenbacher en Afflerbach vertrokken.
    Schönhals werd opgevolgd door het plaatsvervangend hoofd van de Aussendienststelle Arnhem, de toen 28 jarige M.R. Ströbel. Een zekere Elsholz werd zijn plaatsvervanger.
    H. Conrad, die eerder werkzaam was in Leeuwaarden, werd in Maastricht belast met de opsporing van Joden.
    W.K.F.W. Micheels werd belast met de Kerkelijke aangelegenheden.
    De meesten, waaronder R.H.G. Nitsch en W. Schneider, hielden zich bezig met het opsporen van politieke tegenstanders, (contra)spionage, verzet en hulp aan de vijand.
    Uiteindelijk waren in de Aussendienststelle Maastricht 32 mensen werkzaam, waarvan twintig Duitsers.

    Tot december 1940 was het bureau van de Aussendienststelle Maastricht gevestigd op de hoek Wilhelminasingel/Stationsstraat, boven het toenmalige hotel Willems.
    Momenteel is daar reisbureau Arke gevestigd, Stationsstraat 52 te Maastricht. Eind jaren zeventig/begin jaren tachtig was de districtsrecherche van de Rijkspolitie op de bovenverdieping van dit pand gevestigd.

    In 1941 werd de Aussendienststelle gehuisvest in het zogenaamde "Witte Huis" op de hoek Prins Bisschopssingel en de Lambertuslaan.

    Daarna , tot 7 september 1944, werd een pand betrokken van een gedeporteerde Joodse familie op de Wilhelminasingel (thans Wilhelminasingel 71).
    In dit pand heeft later nog de staf van de Koninklijke Marechaussee brigade Maastricht gezeten. Momenteel is dit pand verhuurd aan studenten.
    De meeste SiPo-leden woonden in die jaren op de Observantenweg (St. Pieter) waar zij enkele huizen hadden gevorderd.

    Met name in het pand aan de Wilhelminasingel hebben zich gruwelijke taferelen afgespeeld.
    Al gauw deden verhalen over folteringen de ronde, waarbij er sprake was van het feit dat deze martelingen zich hoofdzakelijk afspeelden in de folterkamers 7 en 11.
    In de kelder waar enkele piepkleine ruimtes cq opbergkasten omgebouwd tot cellen. In die ruimtes kon met vaak nauwelijks staan of zitten. In een ruimte/cel stond ongeveer 1 meter (ijskoud) grondwater. Een langer verblijf in deze cellen was niet aan te raden.

    Het schijnt dat de massieve houten deuren van de geïmproviseerde cellen in de kelder in de loop der jaren bekrast stonden met namen en/of verwensingen van in de cellen opgesloten "verdachten".
    Toen de KMAR het pand in gebruik had werden deze deuren en ingekraste getuigenissen wellicht niet gekoesterd, maar wel ongemoeid gelaten. Een deel werd gebruikt om archiefkasten weg te zetten. Toen het pand echter werd verkocht en omgebouwd werd tot kamerverhuurbedrijf werden de cellen definitief ontmanteld en de massief houten celdeuren eruit gehaald.
    Het, niet geverifieerde, verhaal gaat dat één celdeur, met ingekraste getuigenissen, is terechtgekomen in het oorlogsmuseum in Overloon. De overige celdeuren moeten als verloren worden beschouwd.
    Last edited by Pier; 6 mei 2019, 11:14.

  • Ingrid M.H.Evers
    replied
    Wat betreft het pand Wilhelminasingel 71: de bovenvermelde krantenberichten worden ondersteund door het Adresboek 1938 en de telefoonboeken van 1940-1942 (de laatste zijn te vinden op Delpher). Het pand was van de assuradeur/makelaar/administrateur Jos Stroom en Zn., die het in augustus 1941 te koop zette. De SD/SIPO zouden zich eerst in juli 1942 in het pand hebben gevestigd. Dus wat gebeurde er tussen de verhuizing van Stroom en het betrekken door de SD c.s.? Wie bewoonde in die periode Wilhelminasingel 71? Was er misschien toch nog een eerdere eigenaar?

    Het telefoonboek van 1943 levert geen nadere gegevens, ook niet het gegeven dat de SD nu in het pand zit. Ik heb al eerder moeten constateren, dat de Duitse instanties niet worden vermeld in de Nederlandse telefoongidsen. Wie zelf eens wil zoeken, moet er wel aan denken dat straatnamen in dergelijke gidsen werden afgekort. Wilhelminasingel wordt dan Wilhelminasing. Bedenk ook dat na enige tijd alle straatnamen die aan het koningshuis herinnerden, werden omgedoopt. In de telefoongids van 1943 heet de Wilhelminasingel dan ook Wijkersing(el).

    Interessant is de vraag, wat de gemeente met een dergelijk pand deed na de oorlog. Wie kon het opbrengen in dat huis van horror te wonen? Het blijkt, dat de marechaussee in de oorlog op nr. 73 haar staf had zitten. Na de oorlog heeft men in elk geval tot 1948 het aanpalende pand voor de dienst erbij getrokken en zodoende geleidelijk aan losgeweekt van het demonische verleden.
    Last edited by Ingrid M.H.Evers; 4 mei 2019, 20:22.

    Leave a comment:


  • Ingrid M.H.Evers
    replied
    Wat betreft de vraag naar de rechtmatigheid van de transactie: zou die niet te vinden moeten zijn in de notariële archieven (van Danco?) bij het RHCL?
    Last edited by Ingrid M.H.Evers; 4 mei 2019, 16:22. Reden: geredresseerde fout

    Leave a comment:


  • Jef-VMG
    replied
    Oorspronkelijk geplaatst door Breur Bekijk bericht
    Jef: uit een krantenannonce in het Advertentieblad van het departement van de Wester-Eems van 27 september 1941 blijkt dat het Assurantiekantoor van JOS. STROOM & Zn. overgeplaatst werd van de Wilhelminasingel 71 naar de Bredestraat 6.
    En er is nog een advertentie (met dank aan Harrie B.) d.d. 16-8-1941 m.b.t. de verkoping van een 'renteniershuis met tuin aan de Wilhelminasingel 71 op 19 augustus 1941 om 10 uur in achterlokaal café Victoria Taverne aan de W.-Brugstraat. Not. Danco.

    Zouden de Duitsers het dan legaal op een nette manier van Stroom & Zn gekocht kunnen hebben, of zit het anders in elkaar?

    Vraag me trouwens af wat hier bedoeld wordt met een 'renteniershuis'.

    Leave a comment:


  • Breur
    replied
    Jef: uit een krantenannonce in het Advertentieblad van het departement van de Wester-Eems van 27 september 1941 blijkt dat het Assurantiekantoor van JOS. STROOM & Zn. overgeplaatst werd van de Wilhelminasingel 71 naar de Bredestraat 6.

    Leave a comment:


  • Jef-VMG
    replied
    In #1 wordt beweerd dat Wilhelminasingel 71 door de Duitsers geconfisqueerd is van een gedeporteerde Joodse familie.
    De SD vond daar in 1942 onderdak.
    Bij Comité Struikelstenen, noch bij het Joods Monument is bekend dat daar een Joodse familie gewoond zou hebben.
    Weet iemand van wie de Duitsers dat pand hebben 'overgenomen'?
    Last edited by Jef-VMG; 4 mei 2019, 15:36. Reden: vergissing hersteld

    Leave a comment:


  • Toller
    replied
    Witte Huis

    Zag vandaag tijdens de lunch onderstaande herinneringsplaquette.



    Geplaatst op de oostgevel (hoe toepasselijk)

    Leave a comment:


  • KevinS
    replied
    Reisdocument van de Ein- und Ausreisestelle Maastricht. Mevrouw Lilly Thiele was zéér pro Duits en was begunstigend lid van de SS, steunde de WA met een beker voor een marschwedstrijd en collecteerde voor de Winterhulp. Tevens hing ook de Duitse vlag uit bij haar. Ze woonde in dezelfde straat als de Ein- und Ausreisestelle op de Wyckersingel 79.


    Last edited by Pier; 6 mei 2019, 11:08.

    Leave a comment:


  • bart ebisch
    replied
    strobel

    Oorspronkelijk geplaatst door Breur Bekijk bericht
    Ja, ook dat hij zou aangehouden in Düsseldorf. Bleek achteraf iemand anders te zijn. Werk aan een reportage over Ströbel. Weldra meer.
    Last edited by Pier; 6 mei 2019, 11:08.

    Leave a comment:


  • Ingrid M.H.Evers
    replied
    Een aanvulling op voorgaande posting

    De Jacht op het Verzet

    Den Haag, 15 maart 2013 (bron: webmailing site Ga het Na)


    Na het succesvolle boek Jodenjacht dat Ad van Liempt vorig jaar schreef, verschijnt nu De Jacht op het Verzet. Het boek is het resultaat van een onderzoek dat Van Liempt met vijf jonge onderzoekers deed in het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging (CABR) in het Nationaal Archief. De resultaten zijn even schokkend en verrassend als in zijn vorige boek: de wreedheid en het sadisme, gestimuleerd door overmatig drankgebruik, van een fanatieke groep NSB'ers heeft veel verzetsmensen de dood in gejaagd.
    In meer dan 200 strafdossiers van veroordeelde oorlogsmisdadigers, Duitsers en Nederlanders, zijn de namen gevonden van 12.000 mensen die in de oorlog werden gearresteerd voor activiteiten die de bezetter onwelgevallig waren. Dit kon uiteenlopen van het dragen van een speldje tot een gewapende aanslag op een Weermachtsoldaat.

    Zoektocht van nabestaanden

    Van de meeste arrestanten waren de gegevens over hun gevangenneming tot nu toe onvindbaar. Ze waren vaak alleen terug te vinden in de strafdossiers van de agenten die hen oppakten, en vrijwel niemand weet wie dat zijn. Dankzij de gevonden gegevens in het CABR kan het Nationaal Archief, dat de dossiers van de bijzondere rechtspleging beheert, nu geïnteresseerde nabestaanden beter helpen als zij meer willen weten over de verzetsacties van hun verwanten.

    Honderden verhalen

    De onderzoekers Marie-Cecile van Hintum, Margot van Kooten, Anne-Marie Mreijen, Elias van der Plicht en Liesbeth Sparks hebben honderden verhalen opgetekend. In De Jacht op het Verzet staat de weerslag ervan zoveel mogelijk thematisch gerangschikt. Het boek geeft een overzichtelijk beeld van de manier waarop de Sicherheitsdienst, met hulp van speciale politie-eenheden en ook organisaties als de Landwacht, het verzet in Nederland probeerde te onderdrukken.

    Opmerkelijke en schokkende feiten

    Wat daarbij vooral opvalt is de enorme escalatie van geweld, die zich vooral vanaf de april-mei-stakingen van 1943 aftekende. De sfeer in het land werd steeds grimmiger, de middelen van het verzet én van de Duitse terreur steeds harder. Op het laatst, vanaf najaar 1944, overschreed de bezettingsmacht alle grenzen van menselijkheid. Daarbij hebben zich huiveringwekkende excessen voorgedaan: ongecontroleerde macht was in handen gekomen van totaal incapabele mannen, die redeloos hun frustraties botvierden op hun slachtoffers.

    Maar dat is niet het enige opmerkelijke aspect van de jacht op het verzet. De bezetter wist zich geen raad met kleine verzetsdaden, met min of meer ludieke acties: daarvan raakte hij totaal van de kook, met soms dramatische gevolgen. En heel bijzonder is ook de tot dusver nooit onderkende factor alcohol. In de strafdossiers stuitten de onderzoekers voortdurend op wandaden gepleegd in totale dronkenschap, en ook op drinkgelagen van agenten of landwachters die met jenever hun opspelende geweten probeerden te sussen.

    Van groot belang in de organisatie van de Duitse terreur was ook de stijl van de leider. In dit boek is een aantal van die leiders, bekend of vrijwel onbekend, nader uitgelicht: ambitieuze, vaak omhoog gevallen mannen, die het leven van de medemens ondergeschikt maakten aan hun drang naar macht.

    Verschijningsdatum: De Jacht op het Verzet verschijnt 14 maart bij uitgeverij Balans en kost 19,95 euro. Het televisieprogramma Andere Tijden besteedt zondag 17 maart [2013] aandacht aan het boek, en in het bijzonder aan de Landwacht.
    Last edited by Ingrid M.H.Evers; 4 mei 2019, 14:24.

    Leave a comment:


  • Breur
    replied
    Politie verleende ook steun aan verzet

    Ad van Liempt over zijn nieuwe boek. Bron: Historisch Nieuwblad
    woensdag 20 maart 2013

    Het beeld dat de Nederlandse politie vooral collabeerde met de Duitsers, klopt niet. Dit schrijft Ad van Liempt - journalist, schrijver en oud-hoofdredacteur van het tv-programma Nova - in zijn nieuwste boek De jacht op het verzet. "Het beeld van de "foute" politie komt vooral door het optreden van een klein deel van de politie, die als uitvoerend orgaan van Sicherheitsdienst en Sicherheitspolizei (SiPo) opereerde".
    door Floris Betlem
    Waar heeft u onderzoek naar gedaan en wat voor materiaal heeft u gebruikt?
    "Samen met vijf historici heb ik honderden strafdossiers in het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging (CABR) bestudeerd. In dit archief bevinden zich strafdossiers van personen die na de oorlog beschuldigd werden van samenwerking met de Duitse bezetter, het in dienst treden bij de vijandelijke krijgsmacht, verraad of NSB-lidmaatschap. Dat was nog nauwelijks onderzocht, vooral omdat het ontzettend arbeidsintensief is. Deze CABR-dossiers bevatten veel informatie over de jacht op verzetsleden, verhoren en veroordelingen. Hierdoor krijg je als onderzoeker een goed beeld van de verzetsbestrijders en hun methodes. Wat mij daarbij vooral opviel was de excessieve hoeveelheid alcohol en geweld dat gebruikt werd door de verzetsjagers. Robert Hoffmann bijvoorbeeld, van de SiPo in Rotterdam, sloeg bijna alle verdachten in de verhoorkamer een gebroken kaak".
    Wat was de rol van de Nederlandse politie tijdens de Duitse bezetting?
    "De Duitse bezetters konden het niet alleen, ze hadden te weinig mensen om de illegaliteit effectief te bestrijden. De jacht op verzetsleden werd daarom vaak uitbesteed aan de Nederlanders: de politie, en de Landwacht. Dat was een paramilitaire organisatie die in 1943 werd opgericht en voornamelijk uit NSB'ers bestond. De verhoren werden daarna vaak uitgevoerd door leden van de Sicherheitsdienst en de SiPo. Een deel van de politie werkte intensief mee, maar er waren minstens zoveel agenten die het verzet hielpen. Daarom is het zo moeilijk een algemeen beeld van "de" politie te geven. Wel is na de oorlog acht procent van de politie ontslagen wegens collaboratie, dat is een behoorlijk hoog percentage. Daarnaast werden veel agenten in rangen teruggezet".
    Was de onstabiele persoonlijkheid van politiechef Versloot kenmerkend voor personen die met de Duitse bezetter samenwerkten?
    "Er zijn maar weinig collaborateurs na de oorlog psychiatrisch onderzocht, wat dat betreft vormt Versloot daarin een uitzondering. Maar er waren duidelijke aanleidingen dat Versloot geestelijk onderzocht moest worden, want zijn onvoorspelbare gedrag was zelfs tijdens de oorlog opmerkelijk te noemen. Ik durf niet te stellen dat het percentage van mensen met een psychische stoornis hoger lag bij de NSB, de Landwacht en de Nederlandse SS in vergelijking tot andere organisaties. Zoals bij elke beweging komen er mensen op af met uiteenlopende motieven, persoonlijkheden en achtergronden."
    Was het verzet niet oppermachtig geweest als er net zoveel mensen aan hadden meegedaan als aan de kant van de Duitsers?
    "Driehonderdduizend mensen zaten aan het einde van de oorlog ondergedoken, dat was niet mogelijk geweest als maar een klein percentage van de Nederlandse bevolking aan de illegaliteit had meegedaan. Hoe kan het dan dat er zoveel Joden zijn afgevoerd? Daar is wel een verklaring voor: het verzet nam pas in omvang toe na de April-meistakingen van 1943, georganiseerd tegen het besluit om Nederlandse mannen die in 1940 gedemobiliseerd waren op te roepen voor de Arbeitseinsatz in Duitsland.
    Het was daarna ook meteen afgelopen met de "zachte" aanpak van de Duitse bezetter en er volgde een periode van keiharde repressie. Wat ik daarbij opmerkelijk vond was de onbeperkte macht die verzetsbestrijders hadden aan het einde van de oorlog door het Niedermachungsbefehl. Iedereen die verdacht werd van verzetsdaden kon geëxecuteerd worden, er was geen spoor van rechtspraak meer. Bovendien konden kleine aanleidingen grote gevolgen hebben. In de strafdossiers ben ik een verhaal tegengekomen van een man die, waarschijnlijk per ongeluk, zijn pruimtabak tegen de gevel van een NSB-kantoor had aangespuugd, daarvoor werd opgepakt en een half jaar later omkwam in een concentratiekamp."
    Last edited by Pier; 6 mei 2019, 11:07.

    Leave a comment:


  • hermanw
    replied
    De SS en Nederland

    Het NIOD heeft de uitgave 'De SS en Nederland" als download beschikbaar gesteld.

    Het betreft een dissertatie van een wetenschappelijk medewerker van het NIOD, Nanno in 't Veld, uit 1976 met een totale omvang van 1.700 pagina's.

    Leave a comment:


  • Pier
    replied
    Wat een geweldige vondst Herman

    Ik moet dat stuk eens uitprinten om het op mijn gemak te lezen.
    De gehele publicatie in vogelvlucht overziend moet ik alvast constateren dat de overlevingskansen van Joden in Limburg (48,8%) na Zeeland (55,8%) het grootst waren van heel Nederland.

    In Maastricht overleefde 49,5% van de 418 Joodse inwoners die Maastricht op 1 oktober 1941 telde de oorlog.
    (Zie pagina 38 van het document. In de Pdf-versie pagina 22)

    Leave a comment:


  • hermanw
    replied
    Publicatie over de Aussenstelle

    In een publicatie van de Radboud Universiteit Nijmegen uit 2004 met de titel:
    Een onderzoek naar de overlevingskansen van joden in de Nederlandse gemeenten, 1940-1945 (pdf, 310 pagina's)
    wordt vanaf pagina 221 (113 in de pdf) de Außenstelle Maastricht beschreven.
    Last edited by hermanw; 27 januari 2013, 11:22.

    Leave a comment:


  • Haas
    replied
    Oorspronkelijk geplaatst door Ingrid M.H. Evers Bekijk bericht

    Maar je zou eens kunnen zien wat Dagblad De Limburger precies schreef op zaterdag 24 april 2004.
    Heb even bij het oud papier gekeken, maar de krant van die dag was al weg......

    Bedankt voor uw antwoord, mevrouw Evers.

    Leave a comment:

Bezig...
X