Aankondiging

Sluiten
No announcement yet.

De tram

Sluiten
X
  • Filter
  • Tijd
  • Tonen
Clear All
nieuwe berichten

  • De tram

    Paarden-Omnibus

    Twee particuliere ondernemingen, de Maastrichtse Omnibus-Maatschappij (MOM) en de Onafhankelijke Omnibusdienst van stalhouder J.H.Kerbusch, verzorgden 12 jaar lang de verbinding tussen het station en het centrum van de stad.
    Schertsend noemde men deze omnibus in de volkstaal: hommelebös en rommelebös.
    Op 5 juli 1884 verschijnt de particuliere 'Paarden-Omnibus' voor het eerst in het stadsbeeld.
    Het openbaar vervoer in de stad was een feit.
    Maastricht werd verrast met de zogenaamde Omnibus van Kerrebusch.

    De Maastrichtse Omnibus-Maatschappij (MOM) vertrok 's morgens om half zeven, met een met twee paarden bespannen rijtuig, vanaf de Boschstraat naar het station.
    Het arriveerde daar ongeveer tien minuten voor zeven en gaf aldus aansluiting op de vertrekkende treinen van 7.00 en 7.17 uur en de aankomende treinen van 6.55 en 7.11 uur.
    De dienstregeling was volledig afgestemd op de treinenloop.

    Route MOM.
    De Maastrichtse Omnibus-Maatschappij (MOM) reed de volgende route.
    Boschstraat, Markt, Grote Gracht, Helmstraat, Vrijthof, Grote Staat, Kleine Staat, Maastrichter Brugstraat, Maasbrug (Sint Servaasbrug; Aw Brögk), Wycker Brugstraat, Stationsstraat, Rijksweg en oprijlaan naar het Centraal Station, een traject van bijna twee kilometer.

    Kerbusch bereed met één wagen de route Brusselsestraat, Vrijthof, St. Jacobsstraat, Witmakersstraat, Cortenstraat, Onze Lieve Vrouweplein, Wolfstraat, Maastrichter Brugstraat enz. naar het station.
    De MOM had vier wagens en acht paarden, Kerbusch één wagen en twee paarden.
    In 1888 stonden de Omnibussen en de paarden van de MOM gestald in de remise op de Boschstaat.

    Veertien maal per dag werd de route Boschstaat-Station vice versa afgelegd, tussen 's morgens zes en 's avonds tien uur.
    Dagelijks maakten gemiddeld 170 reizigers gebruik van de Omnibus, hetgeen per rit een bezetting van zes personen betekende.
    De Omnibus deed haar naam 'Voor Allen' geen eer aan, want lang niet alle reizigers maakten er gebruik van en dat feit werd in de nadagen van de Omnibus, toen deze haar hand moest ophouden bij de gemeente breed uitgemeten.
    De rit met een Omnibus maakte je trouwens niet voor je plezier, het was een herrie van jewelste.
    De hoeven van de paarden kletterden op de keien en de Omnibus werd dan ook 'de rammelkast' genoemd.
    Bovendien was er geen behoorlijke vering aanwezig zodat de reizigers flink door elkaar werden geschud.

    Eén voordeel had dat geraas: van aanrijdingen met dodelijke afloop is in die twaalf jaar geen sprake geweest.
    Wel kwamen er regelmatig botsingen voor met alle mogelijke obstakels, bijvoorbeeld bij te kort genomen bochten.
    Voor zover bekend, dreigde het slechts eenmaal echt fout te gaan.
    In 1885 botste een Omnibus tegen de trein, op de toen nog bestaande overweg in het verlengde van de Stationstraat, die een onderdeel was van de rijksweg naar het noorden.

    De Maastrichtse Omnibus-Maatschappij heeft slechts over de jaren 1884 en 1885 aan haar aandeelhouders divident kunnen uitkeren, vervolgens enige jaren quitte gespeeld en in de jaren 1890-1892 een aanzienlijk verlies geleden.
    De maatschappij stond er in 1893 treurig voor.
    In 1893 legde de maatschappij vol vertrouwen haar lot in handen van het gemeentebestuur, opende de boeken en vroeg 800 gulden subsidie.
    De maatschappij moest overigens genoegen nemen met 600 gulden, het exploitatietekort over 1892.

    In 'Pak de Bus, Openbaar vervoer in Maastricht 1884-1994' van A.H. Jenniskens lezen we: De Maastrichtse Omnibus deed een poging om 600 gulden subsidie te krijgen van de Gemeente.
    De zogenaamde "Onafhankelijke Omnibus onderneming" van stalhouder Kerbusch die al jaren dapper naast de Maastrichtse Omnibus had bestaan wilde natuurlijk niet achterblijven en vroeg eveneens subsidie.

    Kerbusch bereed met een wagen de route Brusselsestraat, Vrijthof, St. Jacobsstraat, Witmakersstraat, Corten-straat, Onze Lieve Vrouweplein, Wolfstraat, Maastrichter Brugstraat enz. naar het Station.
    Een klein rekensommetje leerde dat de "Onafhankelijke" werkte met één vierde van het materieel van de Maastrichtse, dus ontving zijn maatschappij 150 gulden.

    Er bestaan trouwens twee gedichten (lied?) over de Omnibus van Kerbusch.
    Eén van J.Kurris, gemaakt in 1890, zijn gedicht werd bekend als het levenslied over de zelfstandigen Omnibus vaan Kerrebusch.
    Volgens een artikel in De Gazet van Limburg uit 1971 zou dit lied drie coupletten hebben, alhoewel er mensen waren die beweerden dat het er vijf moeten zijn.
    Dit laatste wordt echter betwijfelt omdat couplet 4 en 5 van een sarcastisch pessimisme zijn, wat niet de geest is van de drie andere.

    Het tweede gedicht van Lam Wijsen uit 1898 is een oud Maastrichts lied over de Nuyen Tram, in die tijd de trots van Maastricht.
    Opmerkelijk is dat er twee verschillende teksten bestaan van hetzelfde lied.
    Eén van de coupletten van dit lied gaat over het verdriet van de familie Kerbusch na de invoering van de zogenaamde gaastram.
    Last edited by SJEF †; 30 juli 2009, 12:51.
    Historie is niet alleen het weergeven van de as, maar ook het doorgeven van het vuur.
    Thomas More

  • #2
    De tram

    De Gastram

    Terwijl de Omnibussen nog door de straten reden beraadde men zich over de invoering van een vervoermiddel op rails.
    In 1896 besloot de gemeente tot de aanleg van een gemeentelijke gastramlijn (de Gaastram).
    Op 22 april 1896 maakt de Maastrichtse gastram haar eerste rit van het station over de brug richting Vrijthof.
    Het trammetje heeft veertien zitplaatsen, zeven staanplaatsen.
    Echt een succes is de gastram niet want je kunt zo ongeveer beter lopen.
    De maximale snelheid is 12 kilometer per uur en gemiddeld rijdt het ding slechts zes kilometer per uur.
    Aan de voet van de brug moeten de passagiers uitstappen omdat de tram met volle belasting de helling niet haalt.
    Meer dan zes jaar van 1896 tot 1902 reed deze Maastrichtse tram door de straten.
    In het begin 532 passagiers per dag een aantal dat steeds terugliep en in 1901 waren het er nog maar ongeveer honderd.
    De rijtuigen waren zo slecht, dat zij door het schudden en schokken op de rails uit elkaar trilden.
    Bovendien hadden de passagiers heel veel last van de smeerolielucht omdat locomotief en rijtuig een geheel vormden.
    De remise van de trams was aan het Lindenkruis.
    In 1903 wordt de gastram vervangen door een paardentram.
    Bij het urinoir aan het Cörversplein staat een tweede paard gestald om de tram de brug over te trekken.
    Een ritje kost 5 cent.



    De Paardentram

    De paardentram volgde in 1903 de gastram op had een voordeel ten opzichte van de oude Omnibussen, ze konden namelijk gebruik maken van de rails.
    Het tracé werd ingekrompen tot de ruim anderhalve kilometer van Boschstraat tot station, zoals het destijds van de omnibus van de MOM had bestaan.
    Toen in 1914 de Maasbrug werd gebarricadeerd, omdat er een schending van de Nederlandse neutraliteit dreigde door de Duitsers en de Paardentram haar route versperd zag, ging de Maastrichtse tram geruisloos ten onder.
    De rails werden in 1918 opgebroken en de materialen inclusief de rails werden verkocht.
    De elektrische bus volgde in 1919 de paardentram op.
    Last edited by SJEF †; 30 juli 2009, 12:32.
    Historie is niet alleen het weergeven van de as, maar ook het doorgeven van het vuur.
    Thomas More

    Opmerking


    • #3
      De tram

      De zelfstandigen omnibus

      Iech geef uuch ei bewies
      Mestreech weurt nog Paries
      Es geer dat ins besjowt
      Wie dat heij weurd gebojt
      Gein straot zoe groet of klein
      Of ze kriegen 'n fontein
      En op de Vriethof zoegezag
      Weurt e nuij kioske aongebrach


      Mè boe geer zölt verstèld vaan stoon
      Laote v'r ins de binne goon
      De zelfstandigen omnibus
      D'n omnibus vaan Kerrebuseh
      Laote ver heij neet blieve stoon
      Laote ver ins de brök op goon
      In de zelfstandigen omnibus
      Den omnibus vaan Kerrebusch


      Sint Katrienegaank geit weg
      Dee reuk bevèlt us slech
      Wee had dat oets bereik
      Oppe mèrret keump 'n bleik
      En Wiek altied sjaloes
      Krijg noe e nuij slachhoes
      En tegeneuver de nuijje moer
      E nuij poskentoer


      Dao is auch get gehaat
      Dat is de Groete Staat
      Bezunder mèt zoe'n klik
      Wie de meitskes vaan 't febrik.
      De politie hèlt de wach
      En heet 't hun gezag
      Mè of heer 't zeet of neet
      Die prijje luustere neet.


      Mè vaan den aandere kant is
      Mestreech bij de hand
      Wat niemand had gedach
      Is nee tot stand gebrach.
      De commerce dee geit zoe slech
      Niemand keump mie terech
      Noe zörg me evezier
      Veur 't vreemdelngeverkier


      Mè boe geer komp of wat geer huurt
      't Is euveral mer tureluur
      De zwingel geit de maan dee dreijt
      De uillegers zien mèt mach gezeijd
      En geit auch ins 'ne mins teneet
      'n Eeder huurt, 'n eeder zeet:
      Altied mer lol, altied plezeer
      Mestreech kint gei verdreet.

      gedicht van J.Kurris uit 1890.
      Historie is niet alleen het weergeven van de as, maar ook het doorgeven van het vuur.
      Thomas More

      Opmerking


      • #4
        De tram

        De Nuyen Tram (1896)

        Iech stèl uuch veur vrund Keube Mingeleer,
        Konductör vaan de nuijen tram,
        Dee 't iers in eus stedsje is gewees
        veur Den Haag en Amsterdam
        Meh, Mestreech dat is mèt alles veuroet,
        Boe dat geer ouch gaot of staot,
        Daorum koos ouch eus burgerij,
        'ne spekslachter in de raod.
        Dat 't dee mins dao beter geit,
        dao-aon twiefelt geine maan
        Es heer dao mer zoe good ze wäördsje deit,
        es heer stumpkes make kaan

        Komp geer in Mestreech aon de statie aon
        Nump daan dadelek e keertsje veur ein rout'
        Dao is niks wat wie deen tram uuch rije kaan
        Daobij kint geer gein koed.
        Want zoonder peerd of zoonder geitebok
        Vare veer uuch door de stad Mestreech.
        Geer veult geine sjók of geine stoet
        't is euveral gelieke weeg.
        Gein keije steke mie veuroet,
        En gei peerd sleit mie op hol
        Jao, zoe ritsje deit uuch woondergood
        De ganse stad is daovaan vol.

        D'n awwen omnibus is allang eweg
        De gaastram baorde 'm in de groond.
        Meh, heer rijt 'smörreges door de straote nog
        Ze hole dao de pemeij mèt roond
        En Kerbusch zöchde in de groetste noed,
        Heer sjroufde zien bubskes weer oet'rein
        En hóng 't vel mèt 'n touw aon edere poet
        Veur z'n vinster es valgordijn.
        Ziene wagel dee koch Zomers op
        En komp geer noe 's aovens aon de brök
        Dao vint geer dee zefstandege omnibus
        Es patates frietkraom trök.

        Veural veur aw jóng-döchter in Mestreech
        Is euzen tram vaan groet belang
        Geine wind of rege steit hun mie in de veuj,
        Ze zien veur geine bliksem bang.
        Goon ze noe 's aoves op .ne leefste oet,
        Gekleid in plusj of velour,
        Ze stappe in d'n tram, al sniejt 't tot 't rouk
        En numme z'ch 'n kaart retour.
        Wee weurt daan ouch neet verzeuk
        Door zoe geziechske, leef en zach.
        Wie mennege jong door deen tram neet verneuk
        En in ze leid gebrach.

        Es geer noe de Maosbrök passert
        En geer lop aon de verkierde kant,
        Daan weurt g'r 'seffens verbalizeerd
        Eus deenders zien zoe bijdehand.
        Zien ze eine dee get väöl gedroonke heet,
        Daan loupe ze oet alle mach,
        De boeje weure 'm opgezat
        En heer weurt nao de buro gebrach
        Dus zeet wie in eus stad Mestreech
        Alles geit veuroet.
        Jao eus deenders drage kapmantels ezzebleef
        want Mestreech geit veur Peries neet achteroet.

        Doch dames huurt noe nao mien wäörd
        En blijf oet de Groete Staat,
        Want geer haolt uuch nog 'ns 'n ongelök,
        Jao, dat is zeker, vreug of laat.
        Want mèt de mouwe zeve èlle wied,
        Moot 't niks bezunders zien,
        Dat es geer dao te praote staot
        Gepak weurt door 't mesjien.
        Daorum dames , iech waarsjouw uuch veuroet,
        Blijf oet die straot eweg
        En roop mèt miech: "Hoera Vivat"
        De gaastram vaan Mestreech
        Historie is niet alleen het weergeven van de as, maar ook het doorgeven van het vuur.
        Thomas More

        Opmerking


        • #5
          De tram

          De gastramconducteur

          Iech stèl Uuch veur hei, Jannes Mingeleers,
          Conducteur vaan de nuien tram,
          Dee in eus städsje weer het ierste is gewees
          Jao, veur den Haag en Amsterdam.
          Mè Mestreech dat is ouch in alles wiet veuroet,
          Woedat geer ouch gaot of staot,
          Daorum koos ouch eus burgerij,
          Ene spekslachter in de raod.
          En dat 't dao dee mins good geit,
          Daoraon twiefelt geine maan
          Es heer ao mer zoe good zie wäördsje deit,
          Es heer stunkes make kaan.
          (4 laatste regels bis.)

          Veer komme noe de Bosstraot langs,
          Altied met volle gaas.
          Eus vaart heet mennigein be-angs,
          En vreemde lui verbaas.
          Den hook um, aon de Groete Grach,
          Goon veer fèl bergop.
          Veer höbben in de Helmstraot,
          Daan ouch wel ins gestop.
          Mè, 't ergste dat is de Maosbrök,
          Wat moot daomèt gedoon???
          Dao is 't nog noets gelök,
          Moot eederein duye goon.

          Ene vootgenger dee de brök passeert,
          En löp aon de verkierde kant,
          Dee weurd noe seffens geverbaliseerd,
          Eus deenders zien zoe bijdehand.
          Zien ze eine dee get väöl gedronke heet,
          Daan loupe ze oet alle hun mach
          De boeje weurden 'm opgezat,
          En heer weurd nao 't Bureau gebrach.
          Me steit de ganse Stokstraot blaank
          En houwe ze de boel dao kort en klein,
          Daan potse ze de plaat, zoe gaw es 't mer kaan.
          Daan zuut me nurgens gein.

          Es ene sjutter Zoondags ins
          Neet exerceere kump,
          Daan kreig heer boeten, erreme mins.
          Jao, dat is vas bestump
          Mè trek den hiele état-major,
          Ene ganse Zoondag droet
          En komme ze vaan de lesten trein,
          Haos neet de statie oet.
          Zien zie daan geinen tram mie stoon
          Gein kouts, zelfs ouch gei peerd,
          Daan höbben ze zwoeren deens gedoon
          En weurde gedecoreerd.

          Den Omnibus is aofgedaank,
          De peerdsjes weggebrach.
          Mesjien wel zoonder zwaonezaank
          Veur Friccassee geslach.
          En Kerbusch zuchde in de groetste noed,
          Heer sjroufde zien bökskes weer oetein,
          Hong 't vèl, met 'n touw aon eeder poet
          Veur zien vinster op, es valgordijn.
          Ziene wagel dee koch Somers op
          En zeet ins 's aovends aon de brök,
          Doa vint geer die zelfstandige kas
          Es petattefrits-kraom trök.

          En eeder deit dat mèt plezeer,
          Niemand dee 't koelik nump.
          Want eederein is bang dat heer
          Te laat aon de statie kump.
          Me köp e keertsje veur vief cent
          En reit twie straote wied
          En aon de brök reup me content,
          Conducteur noe weurd 't tied
          En daan vluig alles eve droet
          En duit me ziech in zweit,
          Zoedat me ein menuut denao
          Al aon de statie steit.

          Ene vreemde dee hei in Mastreech,
          Veur den ierste kier geraak
          En wat ze mèt euzen tram hei deeg
          Nog noets heet mètgemaak.
          Dee op zie pläötske zitte blef
          Es euzen tram steit stop,
          Dee weurd door miech ins hiel beleef
          op ziene ruk geklop.
          En hiel galant en neet brutaol
          Vraog iech häöm daan belèt,
          Geer zeet: VEER duyen allemaol
          Aoch, helpt us ouch get mèt.

          Het geit mèt miech, wie 't in Mestreech
          Nog lang zal blieve goon
          Dee dink ene stap veuroet heer deeg
          Heet 'rs twie trök gedoon
          Hei deit 'n eeder wat heer wèlt
          Dee groete vrun is riek
          En, wat me ouch vaan häöm vertelt
          Heer heet altied geliek
          En.... heet euzen ingenieur -zoe loes-
          Ziech mèt mienen tram verdaold
          Bij den ontvenger -oonder 't stadhoes-
          Dao weurd zien sjuld betaold.

          Lam Wijsen 1898
          Last edited by SJEF †; 30 juli 2009, 13:11. Reden: toevoeging couplet
          Historie is niet alleen het weergeven van de as, maar ook het doorgeven van het vuur.
          Thomas More

          Opmerking


          • #6
            Oorspronkelijk geplaatst door SJEF Bekijk bericht
            De Maastrichtse Omnibus-Maatschappij (MOM) reed vanaf de Boschstraat via de Markt, Grote Gracht, Brugstraat naar het station, een traject van bijna twee kilometer.
            Dan denk ik wel dat de Grote Staat bedoeld wordt. Wel vraag ik me af door welke straat de Markt bereikt werd: Nieuwstraat of Spilstraat ?

            Of misschien toch door de Grote Staat via het Vrijthof, Helmstraat en de Grote Gracht naar de Markt?

            Van de Gastram heb ik een afbeelding gevonden van de passage over de Maasbrug:

            If the doors of perception were cleansed, every thing would appear to man as it is: infinite

            Opmerking


            • #7
              Oorspronkelijk geplaatst door Minckeleers Bekijk bericht
              Dan denk ik wel dat de Grote Staat bedoeld wordt.
              Wel vraag ik me af door welke straat de Markt bereikt werd: Nieuwstraat of Spilstraat ?
              Of misschien toch door de Grote Staat via het Vrijthof, Helmstraat en de Grote Gracht naar de Markt?
              Ik zal in de loop van de dag een routekaartje maken en het betreffende gedeelte in het boek "Pak de Bus, Openbaar vervoer in Maastricht 1884-1994" van Toon Jenniskens nog eens goed bestuderen.
              Inmiddels is route nauwkeuriger omschreven.
              Last edited by SJEF †; 30 juli 2009, 12:56.
              Historie is niet alleen het weergeven van de as, maar ook het doorgeven van het vuur.
              Thomas More

              Opmerking


              • #8
                De tram



                De Maasbrug (Sint Servaasbrug; Aw Brögk) rond 1900 met op de achtergrond Wyck.
                De telefoondraden liepen toen nog bovengronds.
                Links op de brug staat een transformatorhuisje.
                De paardentram op de foto vervoerde de reislustigen Ã* 5 cent per persoon.
                Rond 1900 gingen er per uur zo'n 3540 voetgangers, 875 fietsers, 275 voertuigen en 45 auto's over de Maasbrug.
                Historie is niet alleen het weergeven van de as, maar ook het doorgeven van het vuur.
                Thomas More

                Opmerking


                • #9
                  Oorspronkelijk geplaatst door olijfje
                  Je zou toch zeggen dat de mannen daar op hun beurt staan te wachten, weet je zeker dat 't geen 'pisbak' is..?
                  Nee, het is geen 'pisbak' of urinoir; de urinoir had de vorm van een krul en was van een soort dik gaas gemaakt en was ongeveer 2 meter hoog.
                  Het is wel degelijk een transformatorhuisje of transformatorzuil.
                  Op diverse plaatsen in de stad stonden dergelijke 'peperbussen' zoals ze ook wel genoemd werden.
                  Op de foto hieronder staan er nog twee op de Amsterdamse Schinkelkade.

                  Historie is niet alleen het weergeven van de as, maar ook het doorgeven van het vuur.
                  Thomas More

                  Opmerking


                  • #10
                    Sorry SJEF, volgens mij heeft Olijfje toch gelijk, vergroot de foto maar eens.
                    Ik kan mij niet voorstellen dat zoveel mannen een transformatorpaal binnen gaan :(
                    Ook volgens Calpurnia is dit een pispaal, ze stonden blijkbaar ook op het vrijthof
                    Last edited by Caesar; 30 juli 2009, 19:34.
                    Ik kwam en zag en ben nu weer weg

                    Opmerking


                    • #11
                      Oorspronkelijk geplaatst door Caesar Bekijk bericht
                      Sorry SJEF, volgens mij heeft Olijfje toch gelijk, vergroot de foto maar eens.
                      Ik kan mij niet voorstellen dat zoveel mannen een transformatorpaal binnen gaan :(
                      Ook volgens Calpurnia is dit een pispaal, ze stonden blijkbaar ook op het vrijthof
                      In twee verschillende boeken, geschreven door twee verschillende schrijvers en die alletwee zeer deskundig zijn wat de geschiedenis van Maastricht betreft, staat deze foto waarbij vermeld staat dat het om een transformatorhuisje c.q. transformatorzuil gaat.
                      In april 1931 tijdens de ombouw van het hoogspanningsnet, zijn de ronde transformatorhuisjes ('pepeperbussen') verwijderd, en vervangen door nieuwe, rechthoekige exemplaren.
                      Ik vermoed dat er aan de transformator wordt gewerkt door een monteur, en dat een groepje nieuwsgierigen over zijn schouders meekijkt.
                      Last edited by SJEF †; 30 juli 2009, 21:41. Reden: toevoeging informatie
                      Historie is niet alleen het weergeven van de as, maar ook het doorgeven van het vuur.
                      Thomas More

                      Opmerking


                      • #12
                        Oorspronkelijk geplaatst door olijfje
                        Of misschien is daar 'n pinautomaat met 'n rij wachtenden
                        En ik dacht dat 't Lang Lies daar haar werkruimte had ...
                        If the doors of perception were cleansed, every thing would appear to man as it is: infinite

                        Opmerking


                        • #13
                          On topic: de tram!

                          Op een kaartje van de Wikipedia staat een overzicht van spoorlijnen en buurtspoorlijnen in Belgie.
                          Van het kaartje van Belgisch-Limburg heb ik de regio rond Maastricht overgenomen:



                          De zwarte lijnen zijn de spoorwegen, de groene en gele lijnen zijn trambanen.

                          Op het kaartje staat:

                          • de spoorlijn naar Hasselt met Station Boschpoort.
                          • de tramlijn naar Maaseik (via de Brusselseweg ? )
                          • de tramlijn naar Tongeren (via de Tongerseweg ? )
                          • de tramlijn naar Glons (via het Jekerdal, overleden in 1939 )
                          • de tramlijn naar Aken van de LTM (via de Akersteenweg, overleden in 1938 )

                          De drie zwarte puntjes naast "Maastricht" zijn tramhaltes, op het Emmaplein, Brandenburgerplein en Cannerplein.
                          If the doors of perception were cleansed, every thing would appear to man as it is: infinite

                          Opmerking


                          • #14
                            Een afbeelding van de locomotief met tram van de tramlijn Maastricht - Vaals in 1939 voor het Station in Wyck:





                            Vanaf 1 januari 1929 was het begin- en eindunt van de tramlijn Maastricht - Vaals niet meer aan de Heerderweg, maar vlak voor het stationsgebouw gesitueerd (1929-1937).
                            De beide foto's hierboven stammen hoogstwaarschijnlijk uit 1933.
                            Op 1 maart 1937 ging de tramlijn Maastricht - Vaals definitief dicht en zette de LTM (Limburgsche Tramweg Maatschappij) op dat traject Kromhout dieselbussen in.

                            NB Volgens mijn vorig bericht is de tramlijn opgeheven in 1938, dan zal het jaartal 1939 dat ik bij de foto vond incorrect zijn.
                            Last edited by SJEF †; 2 augustus 2009, 14:01. Reden: toevoeging afbeelding en informatie
                            If the doors of perception were cleansed, every thing would appear to man as it is: infinite

                            Opmerking


                            • #15
                              De tram

                              Ir. J. W. Sluiter reconstrueerde ca. 1960 het verloop van de spoor- en tramlijnen in en om Maastricht.
                              Linksboven is het goederenstation Boschpoort aan de huidige Frontensingel.
                              Noordoostelijk daarvan het voormalige emplacement van de tramlijnen.

                              Last edited by SJEF †; 2 augustus 2009, 10:49. Reden: herstel schrijffout
                              Historie is niet alleen het weergeven van de as, maar ook het doorgeven van het vuur.
                              Thomas More

                              Opmerking

                              Bezig...
                              X