Aankondiging

Sluiten
No announcement yet.

Nieuwe Biesen. Van adellijk klooster naar papierfabriek

Sluiten
X
  • Filter
  • Tijd
  • Tonen
Clear All
nieuwe berichten

  • Nieuwe Biesen. Van adellijk klooster naar papierfabriek

    Bij het verslag over onze excursie bij Sappi (zie hier) kwam deze foto al even ter sprake:


    Deze foto van een muur van het klooster Nieuwe Biesen in het fabriekscomplex van Sappi wekte mijn interesse in de geschiedenis van dit deel van Maastricht en met name de transformatie van klooster naar fabrieksterrein.

    De foto is te vinden in het boek Nieuwen Biesen in Alden Biesen. 5 eeuwen Duitse Orde in Maastricht, een bundel met bijdragen van verschillende auteurs, in 1989 verschenen ter gelegenheid van een tentoonstelling in de Landcommanderij Alden Biesen in Bilzen (B.). In een bijdrage van Rolf Hackeng ('Het einde van Nieuwen Biesen en de verkoop van het terrein', pp.85-99) komt de periode aan bod na de gedeeltelijke verwoesting van de commanderij door de Franse belegeraars. De bevindingen van Hackeng zijn in verkorte vorm overgenomen in het Silhouetje #30 (Nieuwe Biesen/KNP) en het rapport van de Stichting WIAM (Koninklijke Nederlandse Papierfabriek Maastricht), alle verschenen in 1989, maar in alle gevallen is de informatie nogal onoverzichtelijk (vond ik). Daarom, om te beginnen, een saai maar o zo handig jaartallenoverzicht, vanaf de komst van de Fransen tot de opheffing van de vesting (met dank aan Hackeng):
    • 1793/1794 beschieting Nieuwe Biesencomplex door Fransen. Al vóór de overgave van de stad blijkt het klooster verlaten
    • 1795 opheffing Duitse Orde. Inbeslagname Biesenterrein door Franse overheid. Verkoop roerende goederen
    • 1797 verkoop perceel Biesenboomgaard aan Catharina Dekkers voor 20.000 livres
    • 1800 rest Biesenterrein (11.255m2) bij opbod verkocht aan notaris J Th van Gulpen (ook namens paardenpostmeester N Bonhomme en tabaksfabrikant P F de Ceuleneer) voor 1750 frank; ieder kocht 1/3 deel
    • 1801 Van Gulpen verkoopt de helft van zijn perceel (later sectie A3) aan kapitein G C de Schwartz. De Ceuleneer verkoopt diezelfde dag deel perceel (ruïne residentie landcommandeur, secretarie, rentmeesterskwartier en stallen) aan Jean Bosch (later sectie A1) en leerlooier Lucas Nijpels (sectie A2)
    • 1812 Nijpels verkoopt het door Matthias Soiron als ommuurde Engelse tuin ingerichte perceel A2 (inclusief een niet nader omschreven bouwwerk) aan cabaretier/herbergier Pieter Dartre. W Visscher is op dat moment eigenaar van A3
    • 1824 aanleg Bassin, kaden en sluis richting Maas dwars door onteigende percelen Van Gulpen en Bonhomme
    • 1827 bouw Affuitenloods op voormalige Biesenboomgaard (rijksgrond)
    • 1829 het perceel van Bosch (A1) is in handen van zijn zoon, brouwer N A Bosch
    • 1833 Dartre verkoopt de tuin (A2) aan rentenier J L van Meerbeke. De weduwe Bonhomme bezit nog steeds een deel (sectie A5) van het perceel Bonhomme met daarop een huis aan de Biesenwal. Het huis ernaast (A4) is rijkseigendom
    • 1840 W Visscher verkoopt perceel A3 aan aannemer Pierre Stevens
    • 1845 oprichting monument Des Tombe op Biesenbastion
    • 1850 oprichting papierfabriek Lhoest, Weustenraedt & Cie. Aankoop perceel A1 van N A Bosch voor 3000 gulden
    • 1851 aankoop van perceel A2 door Lhoest, Weustenraedt & Cie van de erven Meerbeke voor 2800 gulden. Bouw eerste papierfabriek op A1 en A2
    • 1858 Stevens verkoopt perceel A3 (inclusief paardenstal en 2 schuren) voor 15000 gulden
    • 1859 bouw hoogbouw/'lommelefebrik' (oost-westvleugel hoge witte pand). Aankoop stukje rijksgrond nabij sluis
    • 1861 bouw lompenmagazijn (noord-zuidvleugel witte pand).
    • 1868 aankoop 2ha rijksgrond buiten de in 1867 opgeheven vesting

    De expansie van de fabriek gaat daarna in sneltreinvaart door, maar ik beperk me hier tot de beginjaren van de papierfabriek, de periode van functieverandering van het gebied, en de centrale vraag: hoe kon een machtige ridderorde met zo'n lange en roemruchte geschiedenis in Maastricht zo snel ten onder gaan en zo weinig sporen achterlaten?

    Dat de commanderij van de Duitse Orde een bijzondere positie innam onder de Maastrichtse kloosters is wel duidelijk. Niet alleen door zijn geïsoleerde ligging in het noordelijk puntje van de stad, ook door het feit dat alleen adellijken werden toegelaten en dat de orde over belangrijke bezittingen en privileges beschikte. Ook het feitelijk fungeren als landcommanderij in het Maas-Rijngebied gaf de Maastrichtse vestiging van de Duitse Orde een bijzondere status. Het is dan ook niet verwonderlijk dat keizer Maximiliaan van Oostenrijk hier in 1494 logeerde (terwijl zijn zoon Philips de Schone onderdak vond bij de proost van Sint-Servaas) en dat ook de prinsbisschop van Luik regelmatig bij de heren van de Duitse Orde verbleef.

    De hoge status vertaalde zich ook in een indrukwekkende architectuur van met name het commanderijgedeelte, met een rijke inrichting met wandtapijten en talrijke staatsieportretten van landcommandeurs, grootmeesters, keurvorsten (en zelfs twee Romeinse keizers, volgens een inboedellijst uit 1749).


    Biesencomplex gezien vanuit het noorden. Romeyn de Hooghe, ca 1700


    Kopie Parijse Maquette (±1750). Links: kerk en kloostergebouwen. Rechts: residentie landcommandeur

    Het is de vraag of er bij de komst van de Fransen in 1794 nog veel over was van die glorie. Bij de vorige Franse belegering, die van 1748, was het klooster ook al zwaar beschadigd en het is niet duidelijk of het daarna nog in oude luister is herrezen. De gevonden muur bij Sappi dateert uit het midden van de 18e eeuw en dat suggereert dat in elk geval dit deel van de commanderij werd herbouwd. Bij de reisverslaggever Bachiene lezen we echter dat in 1779 een groot deel van de gebouwen leegstond. Hackeng vermeldt dat de landcommandeur en de weinige kloosterlingen al vóór de fatale beschietingen van november/december 1794 de stad hadden verlaten. Daarbij zou een deel van de inboedel zijn meegenomen.

    Wat opvalt bij de daaropvolgende gebeurtenissen zijn de veelvuldige eigendomswisselingen van de diverse percelen. Volgens Hackeng behoorden de oorspronkelijke kopers - Van Gulpen, Bonhomme en De Ceuleneer - tot de Fransgezinde burgerij, die sterk profiteerden van de verkoop van kerkelijke goederen.

    De ruïnes van de kloosterkerk werden in 1824, bij de aanleg van het Bassin en het sluisje naar de Maas, definitief opgeruimd. Of er ten tijde van de eerste grondaankopen van de papierfabriek in 1850, behalve de genoemde kloostermuur, verder nog iets overeind stond op de aangekochte percelen, weten we niet. Hackeng besluit zijn verhaal met: "Vragen zijn er genoeg en er zullen nog heel wat restanten van de commanderij ondergronds en misschien ook nog wel bovengronds op hun ontdekker wachten. Eén archeoloog met ruime bevoegdheden en mogelijkheden kan in sommige gevallen meer vragen beantwoorden dan tien historici kunnen stellen."


    Noordwestelijk stadsdeel. Rechts: papierfabriek en Biesenbastion. Philippus van Gulpen, ±1853
    Last edited by El Loco; 28 februari 2011, 13:08. Reden: Perceel Dekkers, monument Des Tombe, datering tekening Van Gulpen

  • #2
    Oorspronkelijk geplaatst door El Loco Bekijk bericht
    De expansie van de fabriek gaat daarna in sneltreinvaart door, maar ik beperk me hier tot de beginjaren van de papierfabriek, de periode van functieverandering van het gebied, en de centrale vraag: hoe kon een machtige ridderorde met zo'n lange en roemruchte geschiedenis in Maastricht zo snel ten onder gaan en zo weinig sporen achterlaten?

    Dat de commanderij van de Duitse Orde een bijzondere positie innam onder de Maastrichtse kloosters is wel duidelijk. Niet alleen door zijn geïsoleerde ligging in het noordelijk puntje van de stad, ook door het feit dat alleen adellijken werden toegelaten en dat de orde over belangrijke bezittingen en privileges beschikte. Ook het feitelijk fungeren als landcommanderij in het Maas-Rijngebied gaf de Maastrichtse vestiging van de Duitse Orde een bijzondere status. Het is dan ook niet verwonderlijk dat keizer Maximiliaan van Oostenrijk hier in 1494 logeerde (terwijl zijn zoon Philips de Schone onderdak vond bij de proost van Sint-Servaas) en dat ook de prinsbisschop van Luik regelmatig bij de heren van de Duitse Orde verbleef.
    Op het moment dat de Duitse Orde naar deze contreien kwam was de Orde al lang een aflopende zaak. Het hoogtepunt van de Orde lag toch eerder rond de 13e/14e eeuw, toen ze grote delen van het huidige Noord-Oost Polen, de huidige Russische Oblast Kaliningrad, delen van Litouwen en zo goed als het gehele gebied van de tegenwoordige staten Letland en Estland onder controle had. (de laatste twee pas na een fusie). Na een vernietigende nederlaag tegen een aantal verenigde plaatselijke vorsten bij Zalgiris/Grünwald/Tannenberg in 1410 was het gedaan met de expansie en moest de orde zich langzaam terugtrekken.
    Vergeleken met de macht van het moederhuis in Marienburg/Malbork was de Maastrichtse commanderij een kleintje.

    Opmerking


    • #3
      Oorspronkelijk geplaatst door El Loco Bekijk bericht


      1800 gehele Biesenterrein (11.255m2) bij opbod verkocht aan notaris J Th van Gulpen (...)
      1801 Van Gulpen verkoopt de helft van zijn perceel (...)

      Die notaris Van Gulpen lijkt me dan bij hoge waarschijnlijkheid Theodoor van Gulpen. Deze notaris is uiterst rijk geworden met de aan- en verkoop van onteigende kerkelijke bezittingen. Theodoor was tussen 1803 en 1808 adjuct-maire van Maastricht. Hij bezat het huis Boschstraat 108-110 en was bouwheer van het welbekende pand Van Hasseltkade 20.

      Het leuke is dat deze notaris een oom is van de ons welbekende Philippe van Gulpen. Lou Spronck vermoedt dat Philippe als vijftienjarige bij deze oom introk. Hij maakte ook diverse tekeningen van het pand Van Hasseltkade 20.

      Verbazend eigenlijk dat 'euze' Van Gulpen niet eens een historiserend tekeningetje van de Nieuwe Biezen heeft gemaakt (of vergis ik me?). Ook in zijn kroniek is Van Gulpen uiterst summier over dit stukje Maastricht. Hij meldt slechts dat in 1794 "(...) het klooster van de Nieuwe Biezen en het gekkenhuis in de St. Anthoniustraat (zijn in brand gestoken) waardoor vier gekken om het leven zijn gekomen(...)".

      Schaamde hij zich wellicht voor de rol die zijn oom gespeeld had in de opkoop van deze eeuwenoude kerkelijke bezittingen?


      Voor de volledigheid de bronnen.
      • Philippe van Gulpen 1792-1862. Chroniquer met pen en penseel. Lou Spronck, 2005.
      • Kroniek der stad Maastricht van af haren oorsprong tot in juni van het jaar 1863. Philippe van Gulpen, bezorgd door Jos. Eversen. Verschillende jaargangen in De Maasgouw (1884 - ???).
      Last edited by burgemeester; 26 februari 2011, 13:42. Reden: link aangepast

      Opmerking


      • #4
        Mooie bijdragen, heren. De jaartallenlijst heb ik meteen uitgedraaid, want het is een erg handig overzicht.
        Oorspronkelijk geplaatst door burgemeester Bekijk bericht
        Kroniek der stad Maastricht van af haren oorsprong tot in juni van het jaar 1863. Philippe van Gulpen, bezorgd door Jos. Eversen. Verschillende jaargangen in De Maasgouw (1884 - ???).
        Volgens Ubachs/Evers, Historische Encyclopedie Maastricht: Maasgouw 7 (1884) - 11 (1889).
        Last edited by Ingrid M.H.Evers; 26 februari 2011, 12:35.

        Opmerking


        • #5
          De Alden en de Jongen (Nieuwe) Biesen

          Oorspronkelijk geplaatst door Ivo M Bekijk bericht
          Op het moment dat de Duitse Orde naar deze contreien kwam was de Orde al lang een aflopende zaak. Het hoogtepunt van de Orde lag toch eerder rond de 13e/14e eeuw.
          De Duitse Orde vestigde zich vanuit de Balije Alden Biesen (opgericht 1220 of eerder) in Maastricht omstreeks het midden van de veertiende eeuw. De bouw van een kapel of kerk dateert van 1362, maar de aanvraag ervoor dateert van 1358. Een kapel of kerk bouwen kon niet zó maar. Daarvoor was toestemming nodig van:
          1. de pastoor in wiens parochie zij zou komen te liggen;
          2. de aartsdiaken onder wie de parochie viel (in dit geval de proost of de deken van het kapittel van Sint Servaas).

          Waarschijnlijk was er al een eerdere bewoning, want in 1361 is sprake van een 'Hof van de heren van de Biesen'. De Commanderij Nieuwe Biesen - voorheen Jonge Biesen - was inderdaad een niet al te groot huis dat als administratie-, handels- en doorgangshuis dienst deed voor de Balije Alden Biesen, de grote balije in Rijkhoven.

          Literatuur
          Voor meer gegevens zie onder meer Ubachs/Evers, Historische Encyclopedie Maastricht (2005), pp. 22-23, 74 en 156.
          Last edited by Ingrid M.H.Evers; 28 februari 2011, 02:13. Reden: aanvulling

          Opmerking


          • #6
            Van Gulpen

            Oorspronkelijk geplaatst door burgemeester Bekijk bericht
            Verbazend eigenlijk dat 'euze' Van Gulpen niet eens een historiserend tekeningetje van de Nieuwe Biezen heeft gemaakt (of vergis ik me?).
            Je vergist je inderdaad: er zijn minstens twee historiserende tekeningen van Van Gulpen van de Nieuwe Biesen bekend. Eentje is een bewerking van het panorama van Simon de Bellomonte, het andere is een soort compilatie van wat er ooit op deze plek gestaan heeft (niet gelijktijdig!):


            Philippus van Gulpen: (onjuiste) reconstructie Biesencomplex 1793 (tekening uit ca 1840)

            Ik las in de eerder aangehaalde bundel ook nog dat ergens in de 18e eeuw ene Joannes Petrus van Gulpen (afkomstig uit Düsseldorf) werd aangenomen door de heren van de Duitse Orde. Deze moest de koorknapen (de heren hadden er permanent 4 in dienst) onderwijzen in het Duits. Om choraal te worden had je trouwens sterke aanbevelingen nodig. Behalve het dienen in de Mis, moesten ze ook bedienen bij de maaltijden in de refter. Verder kregen ze een gedegen opleiding en de meesten werden later priester van de Duitse Orde.

            Opmerking


            • #7
              Koreman heeft in 'Geteeckent tot Maestricht' enkele tekeningen van de noordzijde van het vestingfront opgenomen, waaronder een van Alexander Schaepkens (blz. 118 ). Ook Schaepkens heeft de oorspronkelijke situatie niet meer gekend. Hij heeft van het panorama van Simon van Bellomonte een negentiende-eeuwse versie gemaakt vergelijkbaar met de uitlichting van het detail hieronder.

              De mooie anonieme tekening op blz. 90-91 geeft een ruimer overzicht.
              Last edited by Ingrid M.H.Evers; 26 februari 2011, 13:31. Reden: aanpassing tekst

              Opmerking


              • #8
                Nieuwe Biesen een kleintje?

                Oorspronkelijk geplaatst door Ivo M Bekijk bericht
                Op het moment dat de Duitse Orde naar deze contreien kwam was de Orde al lang een aflopende zaak.
                De Duitse Orde kwam al vrij snel na hun ontstaan naar deze contreien (Keulen en Alden Biesen, ±1220). De Maastrichtse commanderij dateert waarschijnlijk uit ±1360, zoals Ingrid Evers hierboven al aangaf. Of de orde toen al 'een aflopende zaak' was, weet ik niet.
                Oorspronkelijk geplaatst door Ivo M Bekijk bericht
                Vergeleken met de macht van het moederhuis in Marienburg/Malbork was de Maastrichtse commanderij een kleintje.
                Natuurlijk waren de Nieuwe Biesen (en ook de Oude Biesen) niet te vergelijken met Marienburg, maar dat was dan ook sinds 1309 de hoofdzetel van de orde en lag middenin het expansiegebied (nu Polen), waar de orde grote wereldlijke macht uitoefende.

                Toch zal de balije Biesen (waartoe Maastricht hoorde) niet onbelangrijk zijn geweest, met vestigingen in o.a. Luik, Aken, Keulen, Bonn (Ramersdorf), Sint-Truiden en Gemert. Maastricht was weliswaar niet de officiële landcommanderij (dat was de Oude Biesen in Bilzen-Rijkhoven), maar Hackeng en andere auteurs hebben aangetoond dat in de praktijk de landcommandeurs vaak in Maastricht resideerden. Hier was een tijd lang ook de opleiding voor de hele balije gevestigd. Qua bezetting was het klooster inderdaad niet groot. Het aantal priesters was nooit hoger dan 10 (meestal rond 5). Daarnaast woonden er novicen, koorknapen, een leraar, een zangmeester, een organist, een keukenmeester, een kok, een portier, een tuinman en ander dienstpersoneel.

                In de Maastrichtse kloosterverhoudingen was de commanderij wel degelijk 'top of the bill', qua aanzien te vergelijken met de twee kapittels. Het was niet voor niks dat de heren vlak bij de poort een 'Capucinen Stübchen' lieten bouwen, waar de bedelorden (o.a. de Capucijnen) en andere armen 3x per week hun aalmoes konden afhalen.

                In 1567 beschreef de Florentijn Lodevico Guicciardini de Maastrichtse commanderij als "groot ende wijdt ghenoeg om 't Hof van eenen machtigen Landtvorst te herberghen." En zo tekende Simon de Bellomonte de commanderij, kort voordat ze in 1579 bij het Spaanse beleg in vlammen opging:


                Detail stadspanorama Simon de Bellomonte (ca 1575). Links: Antonietenkerk. Midden links: Duitse Ordenskerk en klooster. Midden rechts: commanderij. Uiterst rechts: Schonenvaardersbolwerk

                Opmerking


                • #9
                  adel in Maastricht

                  Oorspronkelijk geplaatst door El Loco Bekijk bericht
                  Qua bezetting was het klooster inderdaad niet groot. Het aantal priesters was nooit hoger dan 10 (meestal rond 5). Daarnaast woonden er novicen, koorknapen, een leraar, een zangmeester, een organist, een keukenmeester, een kok, een portier, een tuinman en ander dienstpersoneel.
                  Bedenk overigens dat al dit personeel niet zelf behoorde tot de ridderorde, ook de priesters niet. Zij allen waren personeel, maar zij behoorden wel tot wat je 'de familie' (familia) van de Duitse Orde zou kunnen noemen en vielen daarmee onder de bescherming c.q. rechtsmacht van de balije. Het aantal adellijke leden was in de plaatselijke vestigingen vaak slechts enkele tientallen. Dat werd mede veroorzaakt door de hoge eisen die aan de edelen werden gesteld. Aanvankelijk hoefde een ridder niet van adel te zijn, maar al gauw werden vier kwartieren geëist (vier verschillende adellijke voorouders), in 1567 acht, en in 1671 werden het er zestien (meer dan ons koningshuis kan aantonen).
                  Oorspronkelijk geplaatst door El Loco Bekijk bericht
                  In de Maastrichtse kloosterverhoudingen was de commanderij wel degelijk 'top of the bill', qua aanzien te vergelijken met de twee kapittels.
                  Hetgeen ook verklaart waarom keizer Karel V en de bisschoppen van Luik die allen van adel waren, er logies zochten en kregen. Ook de kapittels hadden leden van adellijke komaf, maar dat was eerder uitzondering dan regel. Vaak behoorden deze kapittelheren tot buitenlandse geslachten, want in onze streken was er behalve wat landadel geen adel van betekenis.
                  Last edited by Ingrid M.H.Evers; 28 februari 2011, 02:17. Reden: aanpassing tekst

                  Opmerking


                  • #10
                    Verkoop nationale goederen

                    Oorspronkelijk geplaatst door burgemeester Bekijk bericht
                    Schaamde hij zich wellicht voor de rol die zijn oom gespeeld had in de opkoop van deze eeuwenoude kerkelijke bezittingen?
                    Het lijkt mij hoogst onwaarschijnlijk. Men ging gewoon pragmatisch te werk. Iemand moest die gronden kopen en het ging vaak weg voor een appel en een ei. Waarom niet je kans grijpen? Er zijn overigens gevallen bekend waarbij dergelijk openbaar verkocht roerend en onroerend goed na de Franse Tijd werd (terug)geschonken.


                    Er wordt wel gesuggereerd dat dergelijke aankopen niet in de haak waren, maar ik moet de eerste veroordeling door plaatselijke tijdgenoten nog tegenkomen.

                    Interessant is overigens dat zelden wordt bedacht hoe die goederen in het bezit van kerkelijke en religieuze instellingen zijn gekomen. Een deel zeker als bruidschat of inkoopsom voor het onderhoud van de betreffende religieuze of religieus. Maar een aanmerkelijk deel ook als schenking van het gelovige volk aan 'de dode hand'. Zozeer dat stedelijke overheden dergelijke grondschenkingen zelfs verboden. Een beetje meesmuilend zou men kunnen concluderen dat de confiscatie door de overheid de welvaart in de stad vergrootte, doordat met name in het gebied tussen de eerste en de tweede stadsmuur aanzienlijke stukken land vrij kwamen voor de stedelijke economie. En daar heeft Maastricht in de negentiende eeuw ongetwijfeld zeer van geprofiteerd.
                    Last edited by Ingrid M.H.Evers; 28 februari 2011, 02:20. Reden: tekstcorrectie

                    Opmerking


                    • #11
                      Oorspronkelijk geplaatst door Ingrid M.H. Evers Bekijk bericht
                      Iemand moest die gronden kopen en het ging vaak weg voor een appel en een ei.
                      Niet altijd. Hackeng noemt in de eerder genoemde bundel Alden Biesen in Nieuwen Biesen (p.92) een voorbeeld van een stuk land, eertijds onderdeel van de Biesenboomgaard, dat bij een openbare verkoop in 1797 maar liefst 20.000 Franse livres opbracht, 5x de getaxeerde waarde! Misschien wist de koopster, de ex-Grauwzuster Catharina Dekkers, dat hier grootse dingen stonden te gebeuren? Ik weet niet uit welke tijd de eerste plannen voor de Zuidwillemsvaart en het Bassin dateren, maar op een kadastrale kaart uit ca 1805 (1809?) zie ik precies op dat terrein het Bassin al ingetekend!

                      Opmerking


                      • #12
                        Graag een linkje naar de kaart, indien mogelijk.

                        Zou het niet ook zo kunnen zijn, dat die tuinen meer waard waren dan de ruïneuze gebouwen? Door hun opbrengst in groenten en fruit konden zij een behoorlijk jaarlijks inkomen opleveren, en dus bestaanszekerheid. Want dat laatste was voor de vroegere kloosterlingen en wereldgeestelijken vrijwel weggevallen als zij via hun familie geen eigen inkomsten meer hadden. Hun uitkering in Franse assignaten was zo goed als waardeloos papier, omdat er geen onderliggende geldwaarde was.

                        Veel leden van het vroegere ambacht van de hoveniers of gaardeniers binnen de stad woonden juist in dit onbebouwd gebied. Als Catharina Dekkers deze tuinen in pacht verhuurde, was dat een waardevast inkomen. Wat betreft het gebied vergelijk deze plattegrond. Hij dateert weliswaar van enkele eeuwen eerder, maar in deze hoek van de stad veranderde eeuwenlang niets.
                        Last edited by Ingrid M.H.Evers; 28 februari 2011, 02:21. Reden: tekstcorrectie

                        Opmerking


                        • #13
                          Oorspronkelijk geplaatst door Ingrid M.H. Evers Bekijk bericht
                          Graag een linkje naar de kaart, indien mogelijk.
                          Het kaartje staat in A.H. Jenniskens, Het Spoor. Honderdvijftig jaar spoorweggeschiedenis Maastricht, deel 7 van de Stichting Historische Reeks Maastricht, 1985, p.12.
                          Oorspronkelijk geplaatst door Ingrid M.H. Evers Bekijk bericht
                          Zou het niet ook zo kunnen zijn, dat die tuinen meer waard waren dan de gebouwen?
                          Zou heel goed kunnen. Misschien dat de aanwezigheid van de kloosterruïnes op het perceel Van Gulpen de waarde juist verminderde. Catharina Dekkers hoefde niks te slopen...

                          Toch vind ik het verschil tussen de opbrengst van de percelen Dekkers (20.000 livres voor een halve hectare in 1797) en Van Gulpen (1750 frank voor ruim 1ha in 1800) wel erg groot (zie Wikipedia voor de vrijwel identieke waarde van livre en franc). Ook het feit dat het 5x meer opbracht dan getaxeerd, zet een mens toch aan het denken.
                          Last edited by El Loco; 27 februari 2011, 02:31. Reden: Correctie + toevoeging

                          Opmerking


                          • #14
                            Nogmaals: de muur

                            In het boekje Koninklijke Nederlandse Papierfabriek. Deelrapport 4 van de Stichting Werkgroep Industriële Archeologie Maastricht, Maastricht, 1989, p.37, vond ik nog een paar afbeeldingen van 'de muur' in het fabriekscomplex:


                            Gang met 18e eeuwse muur (links). Rechts: dezelfde gang met 6 van de 12 hardstenen raamomlijstingen

                            Aangezien burgemeester en ik geen toegang kregen tot dit deel van Sappi (zie hier), blijft de vraag voorlopig open staan: waar precies bevindt zich deze muur? Alhoewel, in het boekje waar bovenstaande foto's uit komen, wordt het antwoord al gegeven: in de hoogbouw, ook wel het 'lommelefebrik' genoemd, het vijf etages hoge gebouw waar de vodden gesorteerd, gescheurd, gekookt, vervezeld en gebleekt werden tot grondstof voor de papierfabricage, nr. 5 op onderstaande plattegrond:


                            Situatie ±1865: 1 Molengebouw 2 Magazijn 4 Lompenmagazijn 5 'Lommelefebrik' 6 Directeurswoning 7 Centrale met schoorsteen 8 Sluiswachterswoning 9 Monument Des Tombes. (Bron: WIAM)

                            Hackeng maakt het ietsje ingewikkelder en geeft geen direct antwoord. Hij vermoedt dat de muur de noordelijke gevel vormde van het gebouw waarin zich o.a. de grote commanderijzaal bevond. Hackeng gaat ervan uit dat de muur (wellicht toen nog een heel gebouw) zich bevond op het perceel A3, oorspronkelijk verworven door notaris Van Gulpen, in 1840 eigendom van aannemer Stevens en in 1858 door hem aan de papierfabriek verkocht. Op dat perceel verrees een jaar later inderdaad het 'lommelefebrik'.

                            In 1833 omschreef men dit perceel nog als 'tuin', in 1840 'een ommuurde tuin met bomen, een waterpomp en verder toebehoor', in 1858 'een tuin met paardenstal en bijbehorende gebouwen (waaronder twee bergplaatsen)'. Hackeng: "Is het mogelijk dat de muur toen deel heeft uitgemaakt van de omheining of was deze onderdeel van dit 'verder toebehoor'? Integreerde Stevens de bestaande muur misschien in zijn nieuwe paardenstal?" U begrijpt het al: wordt vervolgd.


                            Bassingebied 1827. Oranje: wal. Oker: affuitenloods, huis Bonhomme (5). Violet: vm Antonietenklooster. Groen: toekomstige papierfabriek. Rood: kloostermuur. (Bron: Hackeng/Atelier Vanbeckevoort-De Wilde)
                            Last edited by El Loco; 28 februari 2011, 13:38. Reden: Bronvermelding afbeeldingen

                            Opmerking


                            • #15
                              Situatie omtent 1845:
                              Bestanden bijvoegen
                              De leefs mer eine kier .

                              Opmerking

                              Bezig...
                              X